Artikelen Koeltechniek terug

December 2011

Thema: Koeling in de voedselketen

Evenementenhal biedt weer landelijke dekking

Volgend jaar zijn de Installatie Vakbeurzen weer te vinden in Hardenberg, Gorinchem en Venray. Op 13, 14 en 15 maart 2012 vindt zowel Installatie Vakbeurs als Klimaatvak plaats in Gorinchem. De NVKL heeft samen met Evenementenhal een overeenkomst gesloten voor de organisatie van een “Koude & Klimaatstraat” op Klimaatvak Gorinchem. De straat krijgt een aparte, opvallende uitstraling en elke deelnemer die NVKL-lid is, ontvangt wat extra’s. Bij het reserveren van een stand voor 2012 kan het bedrijf aangeven of dat in deze straat mag zijn. Deze “Koude & Klimaatstraat” is ook terug te vinden op Installatie Vakbeurs Venray en Hardenberg volgend jaar.
Naast Klimaatvak vindt ook Installatie Vakbeurs Gorinchem plaats. Hier kunnen bezoekers informatie en producten vinden op het gebied van verwarmingssystemen, meet- en regelapparatuur, sanitair, bevestigingsmaterialen en overige branche gerelateerde producten.
Dagelijks is de vakbeurs geopend van 13.00 uur tot 21.00 uur.

Meer informatie: Rian Striper 0523-289874 of rianstriper@evenementenhal.nl.


Isolerende raambekleding als dubbel glas niet kan

Als een raam met enkel glas niet door dubbel glas vervangen kan worden, kan isolerende raam bekleding toch helpen om energie te besparen. Volgens voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal leveren dubbele plisségordijnen met aluminium coating 18 procent minder verwarmingskosten op. Dubbele plisségordijnen bestaan uit twee lagen stof met daartussen een honingraat structuur om een isolerende luchtlaag te creëren. De energiebesparing kan oplopen tot 150 euro per jaar.
Isolerende raambekleding in combinatie met enkelglas geeft een verbetering tot het niveau van dubbelglas. Gewoon dubbelglas is met dit soort raambekleding op te schroeven tot Hoog Rendement HR of HR+ glas. Dit geldt alleen wanneer de isolerende raambekleding gesloten is.

Meer informatie: www.milieucentraal.nl/raambekleding


Chiquita opent CO2-neutrale bananenrijperij

Eind november werd in Gorinchem het nieuwe pand van Chiquita Nederland officieel geopend. Het gebouw huisvest de kantoorruimte en de eerste bananenrijperij ter wereld die CO2-neutraal genoemd mag worden. De bananenrijperij werd officieel geopend door directeur Franklin Ginus en Brian Kocher.
President Chiquita Europa en het Midden Oosten. De nieuwe rijperij is volgens Franklin Ginus niet alleen een stap vooruit in duurzaamheid, maar er wordt ook een nog beter product en een grotere service aan de partners geboden. Het fruit kan op alle uren in de week opgehaald worden dankzij een speciale ruimte waar de bestelde producten opgeslagen worden. Duurzame maatregelen in het gebouwen het rijpproces zijn een gepatenteerde luchtstroomsysteem, een “Stop & GO”-technologie en het gebruik van een natuurlijk koudemiddel. Ook is er een laag energiegebruik in licht. Het daglicht wordt optimaal benut door daktunnels bovenin het pand en door middel van T5- en LED-verlichting en een aanwezigheidsdetector wordt de warmte- en koudeopvang uit het rijpproces gebruikt om het pand te verwarmen en te koelen. Daarnaast is Chiquita een bebossingsproject gestart in Panama, dat de nog resterende CO2-uitstoot compenseert.

Voor meer informatie: www.chiquita.be/nl


Eurovent verzamelt weer gegevens

Eurovent Market Intelligence, het Europese bureau voor de statistiek voor de HVAC&R-markt zal in januari het startsein geven voor de jaarlijkse gegevensverzameling, waaraan het merendeel van de actoren in de Europese, Midden-Oosten en Afrikaanse (EMEA) markten deelneemt. In 2010 brak de participatiegraad alle records met 60 procent meer deelnemers in vergelijking met 2010. Omdat deze marktonderzoeken zijn gebaseerd op gegevens die verstrekt worden door bedrijven, versterkt deze verhoogde participatie hun betrouwbaarheid en representativiteit en stellen zij hen in staat een eerlijker en nauwkeuriger beeld van de EMEA-markt te geven. Verder is Eurovent Market Intelligence verder gegaan dan het strikt statistische domein door de uitbreiding van haar informatie naar de markt aan de hand van schattingen, prognoses en trends. Zodra de resultaten van deze tweede fase binnen zijn, bezorgen deze algemene gegevens de fabrikanten een netto toegevoegde waarde in termen van strategie en positionering in hun markten. Eurovent Market Intelligence-onderzoeken zijn erin geslaagd om zich te vestigen als benchmarks binnen de industrie, door zowel fabrikanten als ingenieurs- of adviesbureaus op te nemen.

Meer informatie: www.eurovent-marketintelligence.eu of statistics@eurovent-marketintelligence.eu

Biral investeert in toekomst

Uit oogpunt van energiebesparing, productie-efficiency en brandveiligheid is pompfabrikant Biral AG haar fabriek in het Zwitserse Münsingen volledig aan het renoveren. Naast de renovatie van het kantoorgebouwen de productiehallen worden er nieuwe productielijnen geplaatst bestaande productielijnen geoptimaliseerd en wordt een nieuwe Campus gebouwd. In deze hightech Campus zal techniek en vaardigheid centraal komen te staan.
Installateurs, adviseurs en opdrachtgevers kunnen vanaf 2012 hun theoretische en praktische kennis vergroten met behulp van state of the art multimedia en werkende demonstratieopstellingen van pompinstallaties. Daarnaast kunt u de schoonheid van de Zwitserse Alpen ervaren en ondervinden op welke wijze Biral maatschappelijk verantwoord onderneemt. Met deze renovatie is een investering gemoeid van circa tien miljoen euro. Het zal onder andere resulteren in een energiebesparing van 75 procent.

Meer informatie: www.biral.nl


Datacenters kunnen zonder koelmachines

Duurzaam koelen van datacenters - zonder gebruikmaking van koelmachines - is nu mogelijk. Dat bleek op de National Datacenter Experience op 29 november in Zeist.
Innovatieve bedrijven hebben duurzame koeltechnieken ontwikkeld die energiezuinig en rendabel zijn en bijdragen aan groene groei van de sector. De technieken verlagen het energiegebruik van datacenters met 30 procent of meer, waardoor een EUE (verhouding totaal energiegebruik/IT-verbruik) van minder dan 1,2 haalbaar wordt. Agentschap NL - onderdeel van het ministerie van EL&I - ondersteunt zowel koploperbedrijven die de innovatieve koeltechnieken op de markt brengen, als datacenters die kiezen voor duurzame koeling. Jan Wiersma van EvoSwitch: “Duurzame koeling bespaart ons miljoenen.”
Nederland is een van de belangrijkste internetknooppunten van de wereld. Met onze internationale datacenters bedienen we grote delen van Europa. Het kabinet wil deze voortrekkersrol behouden en uitbreiden. Knelpunt is wel dat datacenters grote energieslurpers zijn. Daar komt bij dat conventionele koelmachines klimaatonvriendelijk zijn vanwege het gebruik van chemische koudemiddelen.

De brochure en een factsheet zijn te downloaden op www.agentschapnl.nl/content/brochure-duurzaam-koelen-van-datacenters.


Klimaattechnische installaties nieuwbouw Friesland Campina Riedel

Op vrijdag 11 november vond de opening plaats van de nieuwbouw van drankenfabrikant Friesland Campina Riedel te Ede. Het project omvat de nieuwbouw van circa 6.000 m2 productie-, koel-, opslag- en bedrijfsruimte.
Kemkens Installatietechniek realiseerde de moderne en duurzame klimaattechnische installaties.
Kemkens Installatietechniek heeft bij dit project diverse geavanceerde installaties opgeleverd: productkoeling, comfortkoeling, verwarming en luchtbehandeling met warmteterugwinning werden door Kemkens Installatietechniek verzorgd. Door middel van een warmteterugwinningsinstallatie wordt er gezorgd voor een effectieve ventilatie waarbij warmte uit afvoerlucht terug wordt gewonnen. Het rendement is daarmee hoger waardoor het energieverbruik aanzienlijk afneemt. Een dergelijke installatie is onderdeel van het milieubewust omgaan met grondstoffen en past daarmee binnen het duurzaamheidsdenken. Kemkens Installatietechniek is een modern en veelzijdig installatiebedrijf met vestigingen in Lichtenvoorde en Veenendaal. Het bedrijf realiseert werktuigbouwkundige en elektrotechnische installaties, met name voor overheid, onderwijs, zorg en bedrijfsleven.

Meer informatie: www.kemkens.com


TVVL-leden kiezen voor nieuw bestuur

Tijdens de extra Algemene Ledenvergadering van 15 november in Amersfoort stemden de TVVL-leden bij acclamatie in met de voordracht van het nieuwe bestuur. Het nieuwe TVVL-bestuur bestaat uit ing. Ferry de Vries, voorzitter, ir. Maarten Bruinsma, secretaris/penningmeester en vier portefeuillehouders van de pijlers Jan Kerdel, Regionetwerk; ir. Nancy Westerlaken, Kennisplein; dr. ir. Joost van Hoof, Impuls en ing. Jaap Dijkgraaf, Expertisecentrum. Dit bestuur bepaalt de strategische koers van de vereniging en ziet er op toe dat er synergie is tussen de pijlers Ferry de Vries: “Dit nieuwe strategische bestuur is een belangrijk onderdeel van de nieuwe weg die TVVL inslaat. De nieuwe TVVL zal sneller acteren op actuele maatschappelijke vraagstukken en wordt onder andere door het projectmatig werken voor leden en met name jongeren aantrekkelijker, om actief deel te nemen in de vereniging.”
TVVL is het Platform voor mens en techniek en is één van de belangrijkste kennisplatforms op het gebied van utiliteitsbouw en installatietechniek in Nederland en telt circa 1200 persoonlijke leden en 500 begunstigers (bedrijfsleden).


Natuurlijke koudemiddelen gezien door eindgebruikers

Op 7 oktober werd eurammon’s “Future proof-oplossing voor vandaag”-symposium gehouden in Schaffhausen, Zwitserland.
Het initiatief voor natuurlijke koudemiddelen nodigde de leden van de branche en de eindgebruikers uit voor een uitgebreid programma van lezingen en om actief hun ervaringen te delen over toepassingen van natuurlijke koudemiddelen. Tijdens het evenement verleende eurammon de nieuwe Honour Award voor bedrijven en schonk de eurammon Natural Refrigeration Award aan de winnaars van dit jaar. “Het is niet meer voldoende alleen maar na te denken over morgen”, aldus Mark Bulmer, lid van de Raad van Bestuur van eurammon en gastheer van het symposium in opdracht van Georg Fischer Piping Systems. Volgens Bulmer werd de overgang van HCFK’s naar HFK’s in het verleden uitgevoerd zonder voldoende langetermijnplanning, gezien het feit dat in sommige gevallen de koudemiddelen nog steeds een zeer hoog GWP hebben. De tijdens het symposium gepresenteerde lezingen, door sprekers met een schat aan praktische ervaring, illustreerden de mogelijkheden die bedrijven vandaag de dag hebben voor het gebruik van natuurlijke koudemiddelen in koel- en airconditioningtoepassingen, gezien de geldende wettelijke randvoorwaarden en de huidige research en het engineeringwerk voor nieuwe toepassingen en ontwikkelingen.

Meer informatie: www.eurammon.com


Weggevallen illustratie

Helaas is in RCC K&L nummer 11 in het artikel “CO2-koeling voor deeltjesdetectoren” een illustratie weggevallen. Hieronder de illustratie en de bijbehorende tekst. Figuur 4 laat een meting zien in de ruimte van de temperaturen van de accumulator, de verdamper en de gepompte vloeistof. Duidelijk zichtbaar is de variatie door de baan om de aarde van de vloelstof. Dit is een periode van anderhalf uur. De meting laat ook een setpointverandering zien van de accumulatortemperatuur. Binnen een bepaalde range is de verdampingstemperatuur naar wens in te stellen.

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Halton vraaggestuurd ventilatiesysteem aan boord van een cruiseschip

Naar schatting 30 procent van het totale energiegebruik van een cruiseschip komt van HVAC voor de openbare ruimtes en woonruimtes en keukenventilatie. Dit heeft een grote impact op de winstgevendheid en milieukwesties. De vraag naar meer energie-efficiënte systemen en groenere technologieën is het uitgangspunt geweest voor het ontwerp van het moderne kombuisventilatiesysteem Marvel door Halton.
Halton Marvel is het eerste echt intelligente, gevoelige en volledig flexibele vraaggestuurde ventilatiesysteem dat speciaal werd ontworpen voor Halton afzuiging. Vergeleken met de traditionele afzuiging bespaart het Halton Marvelsysteem in combinatie met de Halton Capture Jet-technologie tot 50 procent energiegebruik in de kombuis. Dit draagt ook bij aan de milieu-effiency.
Halton heeft Marvel geleverd aan meer dan 40 land-based projecten, zoals keukens van hotels, scholen, gezondheidszorg, restaurants, winkelcentra en universiteiten om er maar een paar te noemen.
Het systeem is bekroond met de Finnbuild 2010 Highlights Innovation Award in Finland, Voedsel Hospitality Innovation Award 2010 in Nederland, EuroGastro 2011 Award in Polen en van de Food Service Consultant Society International (FSCI) kregen ze een eervolle vermelding voor innovatie 2011. De feedback van de faciliteiteigenaren en -gebruikers van het systeem is positief en in veel gevallen heeft het systeem bewezen dat het een betere energie-efficiëntie biedt dan verwacht.
Halton Marine meldt trots dat de order voor de eerste Marvel voor een groot cruiseschip binnen is en dat deze zal worden geleverd in 2012.

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Ledenvergadering bij Bavaria: boeiend en bomvol!

NVKL

Het was op donderdag 1 december een gezellig samenzijn van bijna 100 leden bij de Bavaria-fabriek in Lieshout. De ochtend begon met een toer door de Bavaria-fabrieken, maar ook het programma van de ledenvergadering ’s middags was enerverend. Daartussen waren er genoeg mogelijkheden om met collega’s bij te praten, wat dan ook veelvuldig werd gedaan.

Om tien uur ‘s ochtends begon het feest. De leden stroomden binnen in de bar van Bavaria. Vervolgens in het treintje naar de fabriek. Het hele proces van bierbrouwen werd in beeld
gebracht. Bavaria besteedt namelijk niks uit, maar brouwt alles zelf. De rondleiding begon bij de Mouterij, waar de mout tot zetmeel wordt geproduceerd. Daarna langs de oude fabriek voor een stukje geschiedenis, gevolgd door de nieuwe fabriek, waar we konden proeven van het bier. Ook het proces van flesjes en kratten schoonmaken, opnieuw vullen en bedrukken was spectaculair om te zien.
Na de lunch startte de ledenvergadering met de terugkoppeling van de projectgroepen. De activiteiten van het afgelopen jaar en het beleid voor 2012 werden toegelicht. Hierbij werd een kanttekening gemaakt. Het bestuur is dit jaar gestart met het evalueren van de kerntaken van de NVKL en het bepalen van de koers voor de komende jaren. Met dit traject wil het bestuur de belangrijkste strategische doelen voor de komende vijf jaren inzichtelijk maken. Het kan zijn dat dit gevolgen heeft voor het nu vastgestelde beleid. De leden krijgen in de voorjaarsledenvergadering de mogelijkheid om daarop te reageren.

Bij de projectgroep Onderwijs werd wat langer stilgestaan. Precies een jaar geleden werd er in de ledenvergadering een besluit genomen over de oprichting van opleidingsbedrijf GO̊ samen met Orka. De verwachting werd geschetst dat er in 2011 begonnen kon worden met zo’n tien tot twaalf nieuwe leerlingen op deze koudetechnische opleiding, waar leerlingen gelijk bij een bedrijf aan de slag gaan en in de winter een aantal weken intern naar school gaan in Ede.
Deze verwachtingen zijn ruimschoots overtroffen. Er zijn 40 leerlingen aangenomen en de volgende tien staan alweer te trappelen om in januari aan de slag te gaan. Voor de ledenvergadering waren speciaal twee leerlingmonteurs over gekomen om te vertellen over hun ervaringen bij GO̊ en over het vak.
Deze jongens waren super enthousiast over de koudetechniek en duidelijk erg blij met hun opleiding en stageplek. Het was erg goed om te horen hoe de praktijk er bij GO̊ uitziet.

Daarna ging de vergadering verder met de financiën. Op enkele vragen en opmerkingen na werd het resultaat en de begroting voor 2012 goedgekeurd.
Tot slot werden Hans Ton (gepensioneerd, voorheen Stulz) en Peter Augustinus (IBK Groep) in het zonnetje gezet. Zij hebben, na zo’n elf jaar inzet, aangegeven met hun werkzaamheden voor het NVKL-bestuur te stoppen. De NVKL is ze erg dankbaar voor hun activiteiten binnen de vereniging. Beide ontvingen de zilveren olifant voor hun verdiensten.

De vergadering werd afgesloten met een presentatie van Jan van Setten ‘de Klantenfluisteraar’. Met veel humor en praktische voorbeelden zette hij de aanwezigen aan het denken over de omgang met klanten. Na de zeer verfrissende speech ontvingen alle deelnemers zijn managementboek en werd de dag afgesloten met een borrel. We kunnen terugkijken op een zeer geslaagde ledenvergadering.

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


VSK-nieuws

NVKL

Van 6 t/m 10 februari vindt de VSK 2012 plaats. De NVKL staat in hal 4, stand A074.
In deze rubriek vindt u het nieuws over het programma met activiteiten van de NVKL op de VSK 2012.

Het programma van de activiteiten op de NVKL-stand is bekend!
Maandag t/m donderdag: Vakwedstrijden Koudetechniek
Donderdag om 13.00 uur: Prijsuitreiking Winnaar Koeltrofee
Vrijdag: Wedstrijd “De Bibberspiraal”
Vrijdag om 14.30 uur: Prijsuitreiking Winnaar Vakwedstrijden
Vrijdag om 14.50 uur: Prijsuitreiking “De Bibberspiraal”
Vrijdag om 15.00 uur: NVKL-BORREL

En verder…
Koffie en gebak voor NVKL-leden
Bent u van plan de VSK-beurs te bezoeken? Voor alle NVKL-leden hebben wij koffie
en gebak klaar staan. Tijdens de koffie praten we u graag bij over alle ontwikkelingen
in de branche.

Vang die ijspegels en test je reactiesnelheid!
Op de NVKL-stand kun je de hele week je reactiesnelheid testen met het ijspegelvangspel.
Vang genoeg ijspegels en je krijgt een leuke gadget mee!

Stalen zenuwen en een vaste hand?
Kom op vrijdag langs en win een iPad!
Op vrijdag kun je op de NVKL-stand een iPad winnen (beschikbaar gesteld door LG).
Beschik je, als echte goede koelmonteur, over stalen zenuwen en een vaste hand?
Doe de bibberspiraal en maak met jouw snelste tijd kans op die iPad!
Om 14.50 uur wordt de winnaar bekend gemaakt.

NVKL-Borrel!
Op vrijdag, de laatste dag van de VSK, wordt er op de stand van de NVKL, nr. A074
een borrel georganiseerd. Alle NVKL-leden en –relaties zijn van harte welkom!
Aanvang om 15.00 uur, na de prijsuitreikingen van de Vakwedstrijden en “De Bibberspiraal”
(vanaf 14.30 uur).

Voor meer informatie over de NVKL-activiteiten op de VSK-beurs, kunt u contact
opnemen met:
Karin van der Maarel
Tel. 079 – 3531211
Mail. karin.van.der.maarel@nvkl.nl

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Gratis bedrijfsvermelding op NVKL-plein

NVKL

Bent u NVKL-lid, dan heeft u de mogelijkheid om gratis uw logo op een grote lichtbak
boven de bar op het NVKL-plein te plaatsen. Heeft u dit nog niet gedaan, stuur dan
uw logo in drukformaat zo snel mogelijk naar de NVKL. Alle NVKL-leden krijgen deze
mogelijkheid, er zijn geen kosten aan verbonden. U kunt uw logo in eps-, illustrator- of
vector-bestand sturen naar miranda.schipper@nvkl.nl

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


10e IIR Gustav Lorentzen conferentie 2012
25 tot en met 27 juni 2012 bij de TU te Delft

Door G.J.M. Vos - directeur KNVvK secretariaat

KNVvK en de TU-Delft organiseren samen met het IIR, de 10e Gustav Lorentzen conferentie. De conferenties van Gustav Lorentzen zijn een belangrijke stimulans voor het gebruik van natuurlijke koudemiddelen. Het congres, dat elke twee jaar wordt gehouden in een ander land, heeft altijd veel belangstelling gehad van zowel sprekers als deelnemers en wordt gezien als een van de belangrijke congressen van het International Institute of Refrigeration / Institut International du Froid IIR/IFF. Naast het gebruik van natuurlijke koudemiddelen biedt het congres ook ruimte voor absorptiesystemen, Not in Kind systemen, thermische opslag en een veelheid aan toepassingen. Bij de oproepen om abstracts in te dienen, die eerder in K&L stonden en breed zijn uitgezet in de internationale wereld van de koudetechniek, werden ook met name deze technieken en toepassingen onder de aandacht gebracht.

Abstracts
Tijdens onder andere het IIR congres in Padua Italië, in Trondheim Noorwegen, het wereldcongres van het IIR in Praag, Atmosphere in Brussel en de DKV in Aken in het afgelopen jaar en daarvoor tijdens het 9e Gustav Lorentzen congres in Sydney werd het 10e GL-congres onder de aandacht gebracht door middel van folders, informatie, banners et cetera. Aan deze congressen deelnemende KNVvK-leden hebben het GL-congres behoorlijk gepromoot en de organisatoren verleenden daaraan hun volledige medewerking. Mede daardoor is de eerste stap gezet naar een volledig met sprekers gevuld congres. Intussen zijn er 177 abstracts die zijn goedgekeurd door het Scientific Committee van het IIR. Deze zijn afkomstig uit 33 landen. Nederland heeft er 19 ingeleverd, gevolgd door Duitsland (14), Noorwegen (13), Spanje (13), Denemarken (12), China (11), Korea (10), UK (8), USA (7) en Japan (6). Daarnaast zij er veel landen die twee tot vijf papers hebben ingediend.

Onderwerpen
Uit de selectie van de abstracts die nu worden uitgewerkt in papers zijn onderstaande deelgebieden te onderscheiden. De sprekers hebben na de acceptatie de gelegenheid om de papers verder uit te werken die daarna door de commissies ( B1, B2, E1 en E2) van het Scientific Committee worden beoordeeld.

CO2 Gas cooler - Absorption Fundamentals
CO2 Ejector system - Absorption Prototypes
CO2 Compressors - Absorption Concepts
CO2 Supermarket control - Absorption Solar
CO2 Supermarket / recovery - Absorption / Desiccants
CO2 Heat Pumps - Control
CO2 Expander - Domestic Refrigerators
CO2 Systems - Emissions Policy
HC Compressors - Finned Tube heat exchangers
HC Supermarket - Heat Pumps
HC Safety - Not-in-Kind Systems
HC Drop-In - Secondary Refrigerants
HC Systems - Skating Rinks & Similar
NH3 Compressors - Thermal Storage
NH3 Heat Pumps - Thermodynamic & Transport properties

Technical tours
De conferentie kent ook een technische tour, waarbij belangstellenden bedrijven en installaties kunnen bezoeken om de toepassing van natuurlijke koudemiddelen in installaties te bekijken en de aanpak van Nederlandse bedrijven op dit gebied. Deze technical tours vinden een dag na het congres plaats, op 28 juni. In het programma wordt ook een onderdeel opgenomen, waarin een trainingsconcept uit de doeken wordt gedaan. Het kan voor landen die nog moeten starten met training op het gebied van natuurlijke koudemiddelen een extra impuls geven om de start te maken.

Training/workshop
Voor een uitgebreidere training wordt gewerkt aan een mogelijkheid om bijvoorbeeld een tweedaags programma op te zetten om ook studenten of opleiders te interesseren om dat deel te volgen. Met name is het van belang om ook landen die nog niet veel activiteiten hebben op het gebied van de natuurlijke koudemiddelen bekend te maken met deze koudemiddelen en de omgang daarmee, ook met het oog op veiligheids- en milieuaspecten. Hierbij wordt met name gedacht aan ontwikkelingslanden.

Partner Program
Tijdens het congres is ook een partnerprogramma mogelijk voor partners van de deelnemers. Dit programma zal in de steden Delft, Leiden en Amsterdam plaatsvinden.

Informatie
Op de website www.gl2012.nl is de informatie te vinden van alle activiteiten.
Inschrijving voor het congres kan vanaf februari. Via een link op de website komt men op de inschrijvingspagina die door het congresbureau van de TU-Delft wordt beheerd. In januari worden daar de gegevens op geplaatst.

Kosten
Op de website van de conferentie is aangegeven wat de kosten per categorie zijn voor dit congres.

Sponsors
Sponsers van het congres zijn:
Platina - GEA/Grasso
Goud - Danfoss en Carrier
Zilver - SSCS
Brons - Alfa – Laval en Cofely

Voor sponsoring kan men contact opnemen met de organisatie. Dit kan o.a. door een mail te sturen naar sponsors@gl2012.nl Op de website is onder “sponsors” te zien wie de sponsors zijn en ook de sponsorbrochure is hier te downloaden.

Nieuwsbrief
Vanaf januari verschijnt er een nieuwsbrief waarin nieuws en ontwikkelingen over de GL-conferentie worden opgenomen. Deze wordt in het Engels via de mail naar een groot aantal adressen in veel verschillende landen gestuurd en komt ook op de website.

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


De Grasso 5HP als warmtepompcompressor voor melkfabriek

Door Hans Vermeer, Jan Gerritsen en Robert Unsworth - Gea Refrigeration Technologies

Inleiding
Gea Refrigeration in Engeland heeft een nieuwe koelinstallatie met extratrapwarmtepomp geleverd aan zuivelbedrijf Robert Wiseman ten behoeve van pasteuriseren van melk. De hiervoor benodigde condensatietemperatuur van de extratrapwarmtepomp bedraagt ongeveer 80 ̊C. De Grasso 5HP hogedrukzuigercompressor heeft een gunstig energiegebruik en kan voor deze toepassing ingezet worden. De begrenzing van het toepassingsgebied van deze compressor stelt echter eisen aan het ontwerp van de installatie.

Zoals elke compressor heeft ook een warmtepompcompressor bepaalde grenzen, die niet overschreden mogen worden tijdens bedrijf. Wanneer dit toch gebeurt, zal dit leiden tot hogere slijtage en dus tot een kortere levensduur van onderdelen.
De Grasso 5HP warmtepompcompressor met ammoniak als koudemiddel heeft de volgende grenzen:
- maximum zuigdruk (17 bar(a) = 43 ̊C.);
- maximum ontwerpdruk (51 bar(a) = 90 ̊C.);
- maximum drukverschil (Pc - Po = 30 bar);
- maximum persgastemperatuur (155 ̊C.);
- minimum verdampingstemperatuur (5 ̊C.).
In figuur 1 staan deze toepassingsgrenzen weergegeven.

De contour met de dubbele lijn geeft het toepassingsgebied aan, waarbinnen met de 5HP veilig gedraaid kan worden in vollast (100%). In deellast is het toepassingsgebied kleiner, zoals aangegeven met de dubbele stippellijn (33%). Het bedrijfspunt van de warmtepompcompressor bij de melkfabriek is aangegeven met een driehoek rechtsboven.
Om te garanderen dat de 5HP zijn service-intervallen makkelijk haalt binnen bovengenoemde grenzen, zijn er bij GEA Grasso uitvoerige beproevingen gedaan, zowel binnen als ver buiten het toepassingsgebied.

Maximum zuigdruk (17 bar(a) = 43 ̊C.)
Deze grens heeft voornamelijk betrekking op de volgende twee onderdelen:
- asafdichting;
- zuigklep.

Asafdichting
De overdruk in het carter (is gelijk aan de zuigdruk) veroorzaakt een kracht op de asafdichting. Hoe hoger deze druk, hoe groter de kracht en dus hoe hoger de slijtage. Met andere woorden, de levensduur van de asafdichting wordt beïnvloed door deze druk.
Daarom zijn er verschillende duurtesten gedaan bij GEA Grasso met betrekking tot de asafdichting.
- Op een compressor 8800 draaiuren bij de maximale zuigdruk van 17 bar(a).
- Op een speciale proefstand voor asafdichtingen:
-- druk van 25 bar(a) op de asafdichting;
-- 7340 draaiuren en 7190 start-stops;
-- hoogst mogelijke olietemperatuur (variërend tussen de 85 en 100 ̊C.) om de minimum olieviscositeit te verkrijgen.
Na de testen zijn alle asafdichtingen naar de toeleverancier gestuurd. De slijtage was minimaal en alle zijn als zeer goed beoordeeld.

Maximum ontwerpdruk (51 bar(a) = 90 ̊C.)
De maximum ontwerpdruk is 51 bar(a).
De sterkte van het huis is hierop uitgelegd en als volgt bewezen:
- eindige elementen berekeningen;
- barsttest van drie keer deze druk van elk type 1 machine;
- elke compressor door GEA Grasso gebouwd wordt afgeperst op 1,5 keer de ontwerpdruk.

Opmerking: Uiteraard moet rekening worden gehouden met de zogenaamde veiligheidsketen; voordat de ontwerpdruk wordt bereikt in een installatie, moet eerst een aantal andere beveiligingsapparaten (PLC, pressostaat, etc.) in werking treden.
Deze apparaten hebben allemaal een klein drukverschil nodig om te kunnen functioneren. Bij elkaar opgeteld kan dit oplopen tot wel 4 bar. Hierdoor is de maximum druk waarbij de compressor kan draaien, kleiner dan bovengenoemde ontwerpdruk.

Meer informatie: www.geagrenco.nl

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Zuivelproducent brengt koelen “dichter bij de natuur”
Luchtslangen KE-Fibertec koelen pakken melk

Door Christine Linneweever - Redactiecoördinator RCC Koude & Luchtbehandeling

Inleiding
Een van Nederlands grootste zuivelproducenten produceert dagverse zuivel en heeft als missie om natuurlijke zuivelproducten voor iedereen bereikbaar te maken. In de vestiging in Nijkerk worden onder andere melk, karnemelk, yoghurt, vruchtenyoghurt, kwarkyoghurt, vla, pappen Milk & Fruit, Breaker en de in 2010 gelanceerde biologische range producten geproduceerd. Al die producten moeten tijdens het productieproces gekoeld worden en dat het liefst volgens het bedrijfsmotto “dichter bij de natuur.”

Bij deze grote zuivelproducent moest een probleem opgelost worden. In de bedrijfsruimte waar pakken gevuld worden met melk. Als de gekoelde melkpakken uit de vulmachine komen, verblijven de pakken enige tijd in de vulruimte waardoor opwarming van hert product plaatsvind. Met name tijdens storingen of werkonderbrekingen, als de pakken dus langer in de vulruimte blijven, of tijdens extreem warme dagen, of tijdens extreem warme dagen, liep de producttemperatuur te hoog op.
Het bedrijf Colt International werd gevraagd een oplossing hiervoor te leveren. Daaraan waren wel een aantal strenge eisen verbonden. Er mocht geen tocht ontstaan, het moest een betrouwbare oplossing zijn en het energiegebruik moest tot een minimum beperkt blijven. Bovendien moesten de bouwkundige werkzaamheden minimaal zijn in verband met de constructie van het pand.

Adiabatische koeling
De afvulhal is een flinke ruimte van honderd meter bij veertig meter en acht meter hoog. Na een grondig onderzoek door Colt zijn de in- en externe warmtelasten bepaald.
Een product is gemiddeld elf minuten in de vulruimte. De opwarming van het product in de vulruimte is 0,2 K per minuut. Bij calamiteiten kan de tijd dat het product in de vulruimte is, oplopen tot dertig minuten. Om te voorkomen dat in die tijd de producttemperatuur teveel oploopt, zijn er verschillende opties.
Met het oog op het motto van de zuivelproducent “Dichter bij de natuur” viel mechanische koeling als optie eigenlijk direct al af. Colt besloot voor decentrale adiabatische koeling te kiezen, met een zo groot mogelijk efficiëntie, een luchtuitblazing direct boven de productlijn. Adiabatische koeling zou ook direct het onderdrukprobleem, als gevolg van de machineafzuiging, oplossen. De omgevingstemperatuur rond het product moet 22 tot 23 ºC. zijn en tijdens een storing of werkonderbreking 21 tot 22 ºC.

Extra koeling
Voor het opvangen van een tijdelijk vraag om extra koeling werd de adiabatische koeling gecombineerd met een koudwatersysteem. In een kanalensysteem is een koudwaterbatterij opgenomen, die wordt ingeschakeld tijdens een storing en/of warme dagen. Deze koudwaterbatterij is aangesloten op het aanwezige proceswater (ijswater) systeem. Er werd dus gebruik gemaakt van een reeds bestaand systeem en er wordt door het gesloten karakter van het systeem geen water verspilt. Daarmee is het circa 80 procent energiezuiniger dan een mechanisch systeem e dat sluit weer mooi aan bij de visie deze grote zuivelproducent.
De installatie bestaat acht adiabatische koelers, waarvan er zes geschikt zijn voor 15.000 m3 per uur.
De overige twee zijn aangesloten op bestaande luchtbehandelingskasten en zijn goed voor 20.000 m3 per uur.
De afvoer van de lucht geschiedt doormiddel van de bestaande natuurlijke ventilatie (energie = 0).

Meer informatie: www.ke-fibertec.nl of www.coltinfo.nl

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Recht door zee voor een krom product
Koelgroep Dorenbos biedt geavanceerde rijptechnologie voor bananen

Door Dennis van Asselt

Inleiding
Nederland importeerde in 2010 bijna 275 duizend ton bananen. Al deze vruchten ondergaan een kunstmatig rijpingsproces in computergestuurde rijpkamers. Het resultaat: het hele jaar door een product van topkwaliteit.
Het is een gecompliceerde procedure waarbij het Top Tec systeem van Koelgroep Dorenbos voor optimale klimaatomstandigheden zorgt.

Koelgroep Dorenbos werd in 1972 opgericht door Egbert Dorenbos, de huidige algemeen directeur. Het hoofdkantoor is sinds 1997 gevestigd in het Drentse Vries (gemeente Tynaarlo).
Met drie dochterondernemingen, Koel-Airco Klimaat, Koeltechniek Dorenbos en Cooling Systems Holland (CSH), bestrijkt Dorenbos het hele vakgebied van temperatuur- en klimaatbeheersing. Vandaag draait het bedrijf, met 52 werknemers, een jaarlijkse omzet van tien miljoen euro. De doelstelling van twintig miljoen moet in de komende tien jaar te realiseren zijn. De rijptechnologie voor de AGF sector speelt daar een cruciale rol in.

Gespecialiseerd
Van de drie dochterondernemingen houden twee zich bezig met rijpkamers: Koeltechniek Dorenbos en CSH. Koeltechniek Dorenbos is sinds 1993 gespecialiseerd in rijptechnologie voor bananen en heeft internationale faam opgebouwd als constructeur van rijpkamers. Het bedrijf heeft inmiddels meer dan 700 rijpkamers gebouwd in Oost- en West-Europa. Koeltechniek Dorenbos levert ook service en onderhoud aan rijp-, koel-, en airconditioningssystemen in Nederland. CSH, de servicepoot van Dorenbos in het buitenland, verleent dezelfde onderhoudsdiensten in landen als Duitsland, België, Spanje en Zwitserland.

Kant-en-klaar
Dorenbos werkt al drie jaar aan de Top Tec units, die in eigen beheer ontwikkeld en geproduceerd worden. Het systeem valt vooral op omdat het zich niet in de rijpkamer bevindt. De Top Tec unit wordt vanaf de vrachtwagen kant-en-klaar bovenop de rijpkamer geïnstalleerd. Volgens Gerard Slagter, verkoopmanager bij Dorenbos, is dit niet alleen voordelig bij het reinigen van de cel:
“Monteurs kunnen via de bovenkant van de cel het systeem binnenkomen waardoor de rijpkamer niet leeg hoeft tijdens onderhoudswerkzaamheden.”
Top Tec is uitgerust met een Reversed Air systeem. Met kantelventilatoren kan de luchtstroom in een “forward” en “reversed” stand gezet worden. “Forward” is de traditionele stand waarbij de koude lucht via de wand naar beneden wordt geblazen en door de bananendozen weer terug naar boven komt.
Maar de bananen geven warmte af waardoor de temperatuur niet in alle dozen gelijk blijft. Met de “reversed” stand wordt de lucht eerst door de dozen naar beneden geblazen en komt het langs de wanden weer omhoog.
Dit bevordert de temperatuurgelijkheid, de kleurgelijkheid en de shelf life van het product. “Het rendement van onze kantelventilator is hoger dan bij chemische systemen die de ventilator links- en rechtsom laten draaien,” zegt Slagter. “Onze ventilator kantelt 180 graden waardoor hij 30 procent minder elektrisch vermogen opneemt.”

De banaan
Van nature maakt een banaan ethyleen aan waarmee de vrucht voor zijn eigen rijping zorgt. Ethyleen breekt de groene kleurstof van de banaan af en produceert cellulase en pectinase waardoor de banaan zachter wordt. Ook zorgt het hormoon ervoor dat zetmeel wordt omgezet in glucose waardoor de banaan zijn zoete smaak krijgt.
Het overgrote deel van de bananen in Nederland komt per schip uit landen als Ecuador, Peru en de Dominicaanse Republiek. Daar worden de bananen geplukt als ze nog groen zijn, omdat ze in gele toestand nog maar drie tot vier dagen goed blijven. Tijdens de bootreis van twee weken kan het rijpingsproces op twee manieren worden uitgesteld:
Bananen op palets worden bewaard bij een vaste temperatuur van 14,5 ̊C. en af en toe geventileerd. Bananen in containers worden onder CA (Controlled Atmosphere) bewaard.

De rijpkamer
In de rijpkamer wordt de temperatuur van de bananen eerst geëgaliseerd zodat ze voor de aanvang van het rijpingsproces allemaal dezelfde temperatuur hebben.
Met rijpgas, een mengsel van 96 procent stikstof en vier procent ethyleengas, komt het rijpingsproces vervolgens weer op gang waarna de ruimte wordt geventileerd.
De bananen zijn tussen vijf en zeven dagen in de cel, waar temperatuuropnemers de temperatuur van de vruchten en de kamer in de gaten houden. De temperatuur in de kamer is doorgaans 14,5 ̊C., maar kan ook hoger zijn als de bananen sneller moeten rijpen. Meestal worden de bananen uitgeleverd als ze voornamelijk een gele kleur hebben.

Meer informatie: www.koelgroep.nl

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


HSF Logistics garandeert een gesloten koelketen

Door Christine Linneweever - Redactiecoördinator RCC Koude & Luchtbehandeling

Inleiding
Met eigen koel- en vrieshuizen voor opslag en groepage, ruim 500 moderne wagens en administratieve ondersteuningssystemen is HSF Logistics een van de grootste koeltransporteurs van Nederland. Het internationale transportbedrijf heeft zich toegelegd op geconditioneerde transporten en de daaruit voortvloeiende logistieke dienstverlening, zoals distributie, emballageverhuur en opslag. Ze bieden een totaalpakket, waarbij alle schakels binnen de logistieke keten door hen worden overgenomen.

In de jaren zeventig begon het bedrijf, dat toen nog Hannink heette, met koeltransporten vanuit Winterswijk. Inmiddels is het bedrijf enorm gegroeid en heeft het vestigingen in Nijmegen, Winterswijk, Celje, Great Blakenham en Neuenkirchen-Vörden en ruim 500 medewerkers in dienst.
Chauffeurs rijden dagelijks voor hun opdrachtgevers naar diverse landen binnen Europa, zoals bijvoorbeeld de Benelux, de Balkanlanden, Scandinavië, Duitsland, Oostenrijk, Polen, Frankrijk, Spanje, Engeland en Ierland.
HSF Logistics heeft dus al tientallen jaren ervaring met het vervoeren van koel- en diepvriesproducten zoals vlees, kant-en-klaar maaltijden, zuivel, groenten en fruit. Het vervoer van vlees, verpakt en op pallets of hangend, is toch wel de hoofdmoot. De koelwagens voldoen qua uitrusting aan alle eisen: vleesophanging volgens het Euro-systeem, luchtsluizen en een optimale luchtcirculatie.
De koelmachines hebben bewust een overcapaciteit, waardoor de temperatuur onder de meest extreme omstandigheden constant blijft.
“De vrachtwagens ondergaan een ATP/FRC-keuring, waarbij de isolatiewaarde van de auto wordt bepaald. Daarmee is het mogelijk te bepalen hoe lang de lading goed blijft, als de koelinstallatie uitvalt. Dat hangt natuurlijk ook af van de aart van de lading. En ja, dat gebeurt af en toe, dat de koelinstallatie uitvalt. Soms door een defect aan een sensor of een accu die uitvalt. Soms kan de chauffeur het probleem zelf oplossen. Als dat niet het geval is, dan wordt in overleg met de technische dienst van HSF gekeken waar de koelmachine zo snel mogelijk gerepareerd kan worden. Zij hebben een netwerk van werkplaatsen in Europa waar dit kan”, vertelt Erik Kobus, hoofd van de technische dienst bij HSF Logistics Winterswijk.
Zoals bij alle vervoer van goederen is ook bij koeltransport de chauffeur een onmisbare en belangrijke schakel in de transportketen. Kennis van de te vervoeren producten (warenwetgeving, voedselveiligheidseisen, bederfelijkheid van goederen) en van de technische vereisten aan de vrachtauto (koelinstallatie en eisen aan keuringen van die installaties) en HACCP-wetgeving (Hazard Analysis Critical Control Points heeft als voornaamste doel het voorkomen van alle potentiële risico’s bij een voedingsproduct) zijn vereist.

Meer informatie: www.hsf.nl

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Prevesco introduceert vloeistof-dampscheider
Revolutie in de industriële koeltechniek

Door Hans van Eerden

Inleiding
Prevesco in Waalwijk introduceert een nieuw concept voor vloeistof-dampscheiding in koelinstallaties: Uniflow. Het geheim zit ’m in een speciale gasverdeler die in het scheidingsvat de stroomsnelheid van de damp uniformeert en zodoende de capaciteit verhoogt. De dampscheider levert “kurkdroog” koudemiddelgas bij de compressor aan, hetgeen de levensduur van die compressor verlengt en het energiegebruik vermindert. De modulaire opbouw van het leveringsprogramma spaart engineering uit en dat komt de kostprijs ten goede. Al met al kan een gebruiker van koelinstallaties een forse besparing op zijn Total Cost of Ownership behalen.

Vloeistof-dampscheiding is een essentieel onderdeel van de koeltechniek, maar tot voor kort kende dit gebied weinig ontwikkeling, aldus Johan Dijkstra, directeur-eigenaar van Prevesco (in 2003 ontstaan uit de verzelfstandiging van de afdeling Vatenbouw van Grasso). “Wij bouwen afscheiders voor klanten en zij maken zich vooral druk over de aansluiting met de rest van hun installatie. Het inwendige ziet er eigenlijk altijd hetzelfde uit, maar toch komt iedereen met zijn eigen tekeningen, terwijl er in dertig jaar niets wezenlijks aan het scheidingsconcept is veranderd”. Dat kan slimmer, concludeerde Dijkstra in zijn contacten met Titus Bartholemeus, voormalig hoofd productontwikkeling bij Grasso en inmiddels zelfstandig actief met TherMass Innovations.

Uniforme dampsnelheid
In een koel- of vriesinstallatie verricht vloeibaar koudemiddel zijn koelende functie en verdampt daarbij voor een deel. Het koudemiddel keert dus als een mengsel van vloeistof en damp terug in de afscheider. Voor hergebruik in de koelcyclus moet de damp worden afgescheiden om in de compressor weer gecomprimeerd te kunnen worden. Het koudemiddel wordt op een speciale manier in de vloeistof-afscheider gebracht en de damp, die nog vochtdruppels bevat, wordt door het vat geblazen. Die druppels moeten de tijd krijgen om (in een kogelbaan) naar beneden te vallen in de vloeistof onderin het vat.
Is de dampsnelheid echter te hoog, dan zullen er vochtdruppels mee de compressor in worden gezogen. Daar bemoeilijken ze de smering, met versnelde slijtage tot gevolg.
Bovendien gaan deze vloeistofdruppels verloren voor de daadwerkelijke koeling en dat leidt tot een verlies aan koelvermogen. Het koudemiddel moet dus als zo droog mogelijk gas de compressor in. Om dat te bereiken, zo bedachten Dijkstra en Bartholomeus, moeten de snelste druppels worden afgeremd om voldoende verblijftijd in het vat te krijgen. Met hun uitvinding, een speciale gasverdeler in het scheidingsvat, lukt het om een afgevlakt, uniform snelheidsprofiel van de dampdruppels te verkrijgen. Omdat de snelheidspiek wordt afgetopt mag de (gemiddelde) dampsnelheid – en daarmee het koelvermogen van de installatie – zelfs significant worden verhoogd.

Meer informatie: www.prevesco.nl of www.uniflow.nl

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Rivacold kiest de korste weg naar de klant

Rivacold

Inleiding
Waar loopt een internationale fabrikant van koelmachines zoal tegenaan als hij op een directe manier de markt wil benaderen? Hoe goed hij zich ook heeft voorbereid, uiteindelijk vindt hij toch altijd een paar lastige problemen op zijn pad. Problemen als het in contact komen met potentiële klanten, het niet spreken van de taal en de logistieke kant van het verhaal. Het Italiaanse Rivacold bedacht een simpele maar doeltreffende oplossing. Zij zochten in verschillende landen in Europa een contactpersoon die de schakel vormt tussen de klanten en de fabriek in Montechio.

Peter Buysse, die in het Belgisch Groot-Bijgaarden het regionale verkoopkantoor van Rivacold voor de Benelux runt, vertelt: “Een jaar of vijf geleden werden we door Rivacold gebeld of wij niet de schakel wilde zijn tussen het moederbedrijf en klanten in België, Nederland en het Groothertogdom Luxemburg. Al snel bleek dat we op dezelfde golflengte zaten en dat we allebei voor een rechtstreekse benadering zijn. Hoe minder schakels er tussen de fabrikant en de eindgebruiker zitten, hoe voordeliger het is. Ook nu zitten er nog te vaak tussenschakels in het proces die geen enkele toegevoegde waarde hebben. Hoe minder betrokken partijen, hoe lager de prijs. Bovendien kan er, doordat de fabrikant en de installateur samen aan tafel zitten, een machine worden ontworpen die perfect aansluit bij de wensen van de klant.”

Meer informatie: www.rivacold.com

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Nieuw distributiecentrum Spar energiezuinig en toekomstgericht

Nijssen

Inleiding
Supermarktorganisatie Spar hee0 in 2011 een distributiecentrum in Waalwijk in gebruik genomen voor de bevoorrading van haar winkels in het zuidelijk deel van Nederland. Het grootste gedeelte van dit centrum is voorzien van koel- en vriesruimten, waarvoor de installatie werd geleverd door Nijssen Koeling B.V. uit Leiden. Bij het ontwerp van de energiezuinige en milieuvriendelijke installatie werd rekening gehouden met de uitbreidingsplannen van Spar. Door nu reeds met deze plannen rekening te houden, kunnen de uiteindelijke totale kosten zo laag mogelijk worden gehouden. Door het energiezuinige ontwerp van de installatie worden ook de bedrijfskosten zo laag mogelijk gehouden met maximaal kwaliteitsbehoud van de producten.

Wereldwijd is Spar een organisatie met ruim 12.000 winkels. In Nederland wordt de organisatie gevormd door 260 zelfstandige Spar-winkels en 105 Attent-winkels. In Waalwijk is onlangs een nieuw distributiecentrum gerealiseerd, van waaruit, naast een distributiecentrum in Alkmaar, de bevoorrading van de winkels in Nederland plaatsvindt.
In het nieuwe distributiecentrum is een koel- en vriesinstallatie geïnstalleerd door Nijssen uit Leiden. Eerder al tekende het bedrijf voor de koel- en vriesinstallaties van onder andere de distributiecentra van C1000, Plus, en Hoogvliet. Ook de installatie van het naast de Spar gelegen distributiecentrum van de firma Kivits is geleverd door Nijssen Koeling.
Naast de wens van een energiezuinige en milieuvriendelijke installatie moest de nieuwe installatie van Spar gericht zijn op de toekomstplannen van Spar. Bij het ontwerp van de installatie zijn daarom een aantal onderdelen geschikt voor capaciteitsuitbreiding en zijn aansluitpunten voor de uitbreiding opgenomen.
Het DC heeft een totaal oppervlakte van 21.000 m2. Daarin zijn twee koelcellen opgenomen met een gezamenlijk oppervlak van 3.000 m2, een vriescel met 512 m2 vloeroppervlak en een gekoelde distributieruimte van circa 2.300 m2. Koelcellen en distributieruimte worden gekoeld tot +2 ̊C. De vriescel is geschikt voor een temperatuur van -24 ̊C.
Bij het ontwerp is rekening gehouden met een uitbreiding van de koelinstallatie voor 870 m2 expeditieruimte, 1.995 m2 koelcel(len) en 512 m2 vriesruimte.

Keuze koudemiddel
De installatie is uitgevoerd met ammoniak en CO2 als koudemiddel.
De koelinstallatie is uitgevoerd als een ammoniak-pompsysteem. De vriesinstallatie is uitgevoerd als een cascade-systeem op de ammoniakinstallatie, met CO2 als secundair koudemiddel.
Door deze keuze is een zeer energiezuinige en milieuvriendelijke koelvriesinstallatie gerealiseerd. Zowel ammoniak (NH3) als kooldioxide (CO2) zijn natuurlijke koudemiddelen met de hoogst mogelijke energie-efficiency.
In bovenstaande grafieken zijn de efficiency van de koel- en de vriesinstallaties vergeleken met andere veelvoorkomende installatievormen.
In figuur 1 is de COP (de hoeveelheid geleverde koude in kWh per kWh verbruikte elektrische energie) van de vriesinstallatie vergeleken met twee ammoniak-installaties en twee soorten Freon-installaties. Hierbij zijn, zowel het verbruik van de primaire ammoniakcompressoren als het verbruik van de secundaire CO2-compressoren in de berekening meegenomen. Voor dezelfde installaties zijn tevens de verschillende COP-waarden voor de koelinstallatie uitgezet in figuur 2.
Bij een aanname van respectievelijk 2.500 vollasturen voor de koelinstallatie en 4.500 vollasturen voor de vriesinstallatie, resulteren deze gegevens in de berekende energieverbruiken zoals weergegeven in figuur 3.

Samenvatting
Nijssen Koeling B.V. uit Leiden heeft in Waalwijk een energiezuinige en milieuvriendelijke koel-vriesinstallatie gebouwd, voorbereid op de toekomstplannen van Spar. Door het energiezuinige ontwerp en de toepassing van natuurlijke koudemiddelen wordt de uitstoot van broeikasgassen zo veel mogelijk beperkt. Door het relatief lage energieverbruik, onder andere als gevolg van de toepassing van een economiser, energiezuinige condensors en koelers, benutting van restwarmte en een optimale regeling van de installatie worden ook de bedrijfskosten zo laag mogelijk gehouden. In de installatie zijn uitsluitend industriele componenten van gerenommeerde fabricaten toegepast, zodat een bedrijfszeker gebruik van de installatie is gewaarborgd.

Meer informatie: www.nijssen.com

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Musgrave Retail Partners ontvangt Thermo King Energy E6ciency Leader Award
Thermo King verbetert efficiency in transport

Thermo King

Inleiding
Thermo King, een producent van controlesystemen voor transporttemperatuur, een verscheidenheid aan mobiele applicaties en een merk van Ingersoll Rand, heeft onlangs een evenement georganiseerd om te laten zien hoe zij transporteurs helpen te voldoen aan hun energie- en operationele efficiëntiedoelstellingen.

Tijdens het “Efficiënt Rijden in de Transport”-evenement op dinsdag 18 oktober presenteerde Thermo King in hun fabriek in Galway een nieuw transportkoelsysteem, met vehicle-powerd trucks, dieselaangedreven koelunits, self-powered temperatuurcontrole-eenheden, cryogene koudemiddeleenheden en aftermarket accessoires.
De topmensen van Thermo King uit heel Europa, het Midden-Oosten, India en Afrika bespraken transportgerelateerde zaken en trends in regelgeving, als ook nieuwe strategieën voor transporteurs om de total cost of ownership van hun vloten te verminderen door energie- en operationele efficiëntie. Deelnemers aan het evenement maakten een ronde door de Thermo King-fabriek in Galway en werden voorgelicht over de flexibele en ondersteunende fabricageprocessen die in de hele fabriek worden gebruikt om een grotere klanttevredenheid te genereren.
“Wij werken samen met onze klanten om op maat gemaakte, innovatieve en duurzame oplossingen te ontwikkelen die voldoen aan hun zakelijke behoeften, we houden gelijke tred met de trends in de sector en blijven op de hoogte van ontwikkelingen in de regelgeving”, vertelde Dwight Gibson, vice-president van transportoplossingen voor truck en trailer voor Thermo King in de regio Europa, Midden-Oosten, India en Afrika (EMEIA). “We zorgen er eerst voor dat we de unieke behoeften van elke klant duidelijk in beeld hebben. Vervolgens werken we nauw met hen samen om oplossingen te vinden die hen helpen om hun zakelijke doelstellingen te bereiken.”

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


“Vriendelijk” nat draaien

Door Titus M.C. Bartholomeus - Product- en systeemontwikkelaar bij en DGA van TherMass innovations B.V.

Inleiding
Om de compressoren tegen vloeistofslag te beschermen worden afscheiders toegepast. Elke druppel vloeistof die de compressor ingaat is niet gebruikt voor koeling van het product en gaat volledig ten koste van het koudevermogen. Het vloeistofgehalte in het zuiggas zal alleen bij een correcte uitvoering van de afscheider beneden de voor de compressor gewenste concentraties liggen. Gaat men er vanuit dat vele miljoenen geïnvesteerd moeten worden om een koelcompressor enkele procentpunten te verbeteren, is het vreemd dat men bij afscheiders het verlies aan COP van een of meerdere procenten accepteert.

Uit recente ontwikkelprojecten blijkt een verlaging van het vloeistofgehalte tot beneden 100ppm (0,01%) goed mogelijk te zijn. Naast de reductie aan energiegebruik valt te verwachten dat het toepassen van een dergelijke afscheider ook de servicekosten zal verlagen door verminderde slijtage.
Dit ingekorte artikel onderzoekt aan de hand van de bestaande literatuur en metingen wat het vloeistofgehalte daadwerkelijk is en van welke factoren dit afhankelijk is. Het oorspronkelijke
artikel kan gedownload worden op www.thermass.nl

Maximaal vloeistofgehalte
Hoe nat mag het zuiggas zijn voor het de compressor in gaat? Het type compressor bepaalt het maximale vloeistofgehalte. De grote overmaat aan olie benodigd voor de gasafdichting, maakt dat schroefcompressoren veel minder gevoelig zijn voor vloeistof, in het zuiggas dan zuigercompressoren.
Het koelen van deze afdichtolie kan dan ook door het direct inspuiten van koudemiddel.
Uit metingen aan bestaande installaties met zuigercompressoren blijkt dat het afscheidend vermogen van de compressorintrede bepaalt wat de maximale vloeistofconcentratie in het zuiggas mag zijn. Voor typische ammoniakcompressoren leidt 0,5-1% niet tot verhoogde slijtage. Bij compressoren die ontwikkeld zijn om de met het koudemiddel meecirculerende olie af te scheiden in de aanzuigsectie is dat meer en wel zoveel dat de isentropische persgastemperatuur niet onderschreden wordt (natuurlijke koudemiddelen 1,5-2%, andere 2-3%).
Het afgescheiden koudemiddel komt in het carter terecht, met alle gevolgen van dien:
- het nog niet verdampte koudemiddel creëert damp in de oliepomp en dat leidt tot cavitatie;
- het niet verdampte koudemiddel en de damp zal de viscositeit van het smeermiddel dramatisch verlagen, wat tot verhoogde slijtage van de lagers leidt;
- ook in het carter vindt de verdamping en dus schuimvorming plaats, wat tot ongewenste extra spatsmering leidt en daarmee tot een verhoogde olieworp.
Of de compressor er nu wel of niet geschikt voor is, het toevoeren van vloeibaar koudemiddel aan de zuigzijde van een compressor is direct verlies van koelvermogen. Illustratief is dit grafiekje van Lorentzen.

Nattigheid in het zuiggas
Hoe komt die nattigheid terecht in het zuiggas?
Bij expansieventiel geregelde verdampers, moet de oververhitting minimaal 15 Kelvin bedragen om zeker te zijn dat alle nog aanwezige fijne druppels verdampt zijn. Het vloeistofpercentage in het zuiggas, bij geringere oververhittingen, mits stabiel, zal niet tot verhoogde slijtage leiden. Het verlies aan koelvermogen door niet-verdampt koudemiddel, weegt niet op tegen de winst die er behaald wordt doordat er met een hogere verdampingstemperatuur (zuigdruk) gedraaid kan worden.
Bij verzadigd gas, kan er vloeistof ontstaan door schommelingen van de druk. Stijgt de druk door het afschakelen van vermogen, zal de koude pijpwand als condensor gaan functioneren. Door de enorme warmte- en stofoverdracht waarmee dit plaats vindt, ontstaat in extreem korte tijd heel veel vloeistof. Zou je in de zuigleiding kunnen kijken dan zie je een “water”val de compressor ingaan.
Dit zal tot een hevige temperatuur- en smeerdrukdaling van de machine leiden. Komt het zuiggas uit een afscheider, dan zal de zuigleiding op afschot (ca. 1%) naar de afscheider gelegd moeten zijn en groot genoeg gedimensioneerd zijn om het terugvloeien van de vloeistof mogelijk te maken. De compressor zal dan op het gasgedeelte van die leiding aangesloten moeten worden, dus op de helft of beter bovenop (in verband met stofzuigerwerking).
Bij afscheiders, bestaat iets als een druppelvrije afscheiding niet, immers heeft ieder type afscheider een rendement.
De hoeveelheid en grootte van de druppels in het zuiggas is afhankelijk van veel factoren:
1. De stofeigenschappen van het koudemiddel.
2. De druppeldiameter is afhankelijk van
de stofeigenschappen en de gassnelheid over de vloeistof. Bij een correct gedimensioneerde en uitgevoerde natte zuigleiding blijkt een druppelgrootte van 130 μm een goed uitgangspunt. Voor snel sprongsgewijs op- en afstappende installaties, is dat 100 μm.
3. Type en montagepositie natte zuigafsluiters:
- Een afsluiter waar de gas/vloeistofstroming over scherpe randen moet, ergo meer drukverlies (lagere kV-waarde), verstuift onnodig veel.
- Een afsluiter in de natte zuigleiding moet met zijn spindel plat gemonteerd worden om gasinsluiting en daarmee een stotende stroming en excessieve drukverliezen en dus overmatige druppelvorming te voorkomen. Bij correcte inbouw is het drukverlies van een afsluiter in een natte zuigleiding circa twee á drie keer zo hoog als wanneer er enkel gas zou doorstromen. Bij een verkeerde inbouw wordt dit drie tot vijf keer.
- Afstand afsluiter tot afscheider. Hoe verder weg des te meer tijd de in de afsluiter gevormde druppels hebben om zich tegen de pijpwand af te zetten.
4. Uitvoering afscheiderintrede. Een op het bad blazende straal is ten strengste af te raden, hiermee kan het bad zelfs leeg geblazen worden. De meest basale intrede is een 90̊-bocht die bijvoorkeur onder een hoek van 45̊ met de as naar de romp blaast. De bocht verhoogt het afscheidend vermogen, door richtingsverandering.
De meest toegepaste retour is een pijpverdeler, die meestal twee maten groter is dan de retour. Het grote voordeel van deze pijpverdeler is dat de snelheid daarin zo verlaagd wordt dat een gelaagde stroming ontstaat, waardoor de impuls uit de vloeistof gehaald wordt. Een nadeel is dat de vloeistof als een waterval naar beneden stort en gas het bad mee in sleurt. Bij CO2, dat een klein dichtheidsverschil heeft tussen gas en vloeistof, zal het bad hierdoor veel gasbelletjes bevatten, die tot pompproblemen leiden.
5. De inspuiting werkt periodiek, dat wil zeggen dat de optredende snelheid >4 keer de berekende kan zijn. De inspuiting produceert het merendeel van de kleinste druppels. Een individuele aansluiting hiervoor en zeker direct op het bad, zal hierom vermeden moeten worden (bij voorkeur twee meter voor vatintrede op de natte zuigleiding monteren).
6. Pomp- of thermo-sifon valleiding direct onder de droge zuigleiding zonder spatplaat voor de gasuittrede. Uit elkaar spattende dampbellen bij drukverlaging initiëren een heleboel naar boven schietende druppels.
7. Overvulde en dan overbelaste koelers verhogen het vloeistofaandeel in de natte zuigleiding extreem en kunnen tot vloeistof doorslag leiden.
8. Sterke capaciteitsschommelingen resulteren in overmatige condensatie op de afscheiderwand. De condensaatdruppels vallen in de gasstraal en verstuiven.
Conclusie: hoe hoger de impuls in de vloeistof, hoe kleiner en dus hoe moeilijker te vangen druppels er zullen ontstaan.

Conclusie
Uit bovenstaande valt dus af te leiden dat het vloeistofgehalte in het zuiggas naar de compressoren, komend uit een correct ontworpen afscheider >1 massa% bedraagt (Bij de zware koudemiddelen vermoedelijk meer). Dit percentage wordt niet verdampt in de koelers en gaat dus direct ten koste van het koelvermogen. Zouden we een verbeterde afscheiding kunnen realiseren zou dat aan aandrijfvermogen maar ook i.g.v. de zwaardere koudemiddelen aan compressor slijtage kunnen besparen. Hierdoor is er voor het eerst een terugverdientijd te realiseren met een afscheider.

Samenvatting
Het blijkt dat zuigafscheiders, ontworpen conform de nu bekende theoretische kennis, >>1 procent aan vloeistof doorlaten, die direct ten laste gaan van de COP en de levensduur van de compressoren.
Doorontwikkeling van afscheidertechnologie naar een vloeistofworp van <0,01 procent (100ppm), zal de bedrijfskosten fors doen laten dalen.

Summary
Suction-separators, designed according too today's theoretical knowledge, have a liquid-carry-over of >>1%, which is a 1 to 1 penalty on COP and reduces compressor life span. Development in separator technology to a liquid carry over level of <0,01% (100ppm), will help reducing total cost of ownership.

Meer informatie: www.thermas.nl

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


SUPER U kiest nieuw koudemiddel voor zijn koelsysteem

Door Delphine Martin - Climalife

Inleiding
In een Europese politieke context van beperking van de uitstoot van broeikasgassen en verlaging van het energiegebruik, is het nieuwe koudemiddel Genetron Performax LT verkozen boven de R-404A in de Super U supermarkt vlakbij Périgueux, in Frankrijk, als eerste installatie in Europa
.

De Super U in Notre-Damede-Sanilhac is geopend sinds 9 maart 2011 en heeft er alles aan gedaan om een milieuvriendelijke supermarkt van de nieuwe generatie te bouwen.
Voor David Ponnelle, de directeur van de winkel, valt het milieuaspect binnen het kader van verantwoord leven.
“Het is voor mij persoonlijk belangrijk om de planeet minder te vervuilen. Bovendien hebben we binnen Super U een afdeling die zich met milieuaspecten bezighoudt. Wij vragen ook aan professionals om voorstellen te doen.” Sud Ouest Réfrigération, de onderneming die belast is met het koelgedeelte, neemt de uitdaging aan en kiest Genetron Performax LT als koudemiddel.
In eerste instantie is de koelinstallatie ontworpen voor R-404A. Echter, na een presentatie van Performax LT door Climalife besloot Cyrille Moquelet, bedrijfsleider van Sud Ouest Réfrigération, om te kiezen voor dit nieuwe koudemiddel. “Ik heb in de eerste plaats voor Performax LT gekozen vanwege de beperking van het energiegebruik, maar ook voor de verminderde impact op het milieu met een GWP van 1824.”
Daarnaast werd na de ingebruikname gedurende vijftien dagen een dagelijkse controle op lekdichtheid uitgevoerd op de site met behulp van een elektronische detector. Hierbij ontdekte de technicus nog een pluspunt: “Performax LT is eenvoudiger te detecteren dan R-404A. De elektronische vloeistofdetector en het omgevingscontroleapparaat zijn gevoeliger voor deze vloeistof en werken zeer snel. Bij een klein lek had de detector nooit R-404A opgespoord!” In de machinekamer zijn twee omgevingscontroleapparaten geïnstalleerd overeenkomstig met de geldende F-gassenregelgeving.

Meer informatie: www.climalife.dehon.com

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Informatiecentrum Ecofactorij wijst de weg
In een speeltuin richting 2020

Door Dennis van Asselt

Nederland moet vanaf 2020 vrijwel geheel energieneutraal bouwen. De energie die nog wel nodig is, moet dan voornamelijk van duurzame brandstoffen komen. Bedrijventerrein Ecofactorij loopt al een tijdje voorop richting dat streefpunt.
Het gloednieuwe Informatiecentrum Ecofactorij is een proeDuin van nieuwe ontwikkelingen, waar ondernemers die duurzaamheid ambiëren veel kunnen opsteken van energiebesparende trucs.

Bedrijventerrein Ecofactorij, tussen de A50 en de A1 bij Apeldoorn, huist grootschalige ondernemingen in onder andere productie en logistiek. Het zijn bedrijven die investeren in duurzaam ondernemen, waarvoor ze van de gemeente een korting van maximaal 10% op de grondprijs kunnen krijgen.
Op het terrein staat ook het eerste CO2-vulpunt voor koelwagens in Nederland, en er wordt gewerkt aan een eigen energienet met windmolens. Vanuit een behoefte van de bedrijven voor meer informatie over energiebesparing en milieubewust ondernemen, is het idee van een informatiecentrum ontstaan. Ingenieursbureau Sparkling Projects is daarop ingesprongen.

De toekomst
Het Informatiecentrum Ecofactorij is een niet te missen symbool van duurzaamheid midden op het bedrijventerrein. Het markante gebouw heeft de vorm van een beukenblad, tevens het logo van de gemeente Apeldoorn. Het futuristische pand, een ontwerp van Architect Jan Regelink van A2 Architekten, lijkt voorover te leunen en heeft met verschillende kleuren groen een Mondriaan-achtig aangezicht. Het met zonnepanelen bedekte dak is de eerste indicatie dat hier de toekomst schuilt.
De begane grond en de drie verdiepingen van elk rond de 200 vierkante meter bieden ruimte aan verschillende ondernemingen. Sparkling Projects, een Apeldoorns ingenieursbedrijf dat gespecialiseerd is in koel- en klimaatsystemen en duurzame energie, is opdrachtgever en eigenaar van het pand. Sparkling Projects is al jaren betrokken bij projecten als “Rijden op GFT” van ROVA, en de vergistingsinstallatie van visverwerker Van de Groep in Spakenburg, die visafval in biogas omzet. Het bedrijf is ook toonaangevend in advies over industriële koeltechnische installaties.

Andere gebruikers van de kantoren in het informatiecentrum zijn onder andere Parkmanagement Ecofactorij en het Innovatienetwerk Stedendriehoek, een stichting die innovatie tussen bedrijven in de regio Stedendriehoek bevordert (Apeldoorn, Deventer, Zutphen). Maas & Hagoort uit Goes, een verlichtingsbedrijf dat de energiebesparende bureauverlichting leverde, heeft ook werkplekken in het informatiecentrum.

Noviteiten
Voor Steven Lobregt, vennoot van Sparkling Projects, kwam de tijd voor vernieuwing eind 2009, toen de huur van hun oude bedrijfspand werd opgezegd. “Wij werken iedere dag met duurzame energie, dus als je zelf gaat bouwen wil je ook bijzondere dingen doen. We zijn toen aan het studeren geslagen. Hoe krijg je een mooi pand waar plezierig gewerkt kan worden met minimaal energiegebruik?

Het resultaat is een heel arsenaal aan energiebesparende noviteiten die overal te vinden zijn. Vaste verlichting is vervangen door bureaulampen die alleen branden waar gewerkt wordt, het tapijt is volledig van gerecycled materiaal, en in de winter brandt een kachel op houtpellets gemaakt van zaagsel uit houtzagerijen. Ook buiten zijn experimenten gaande. Zo is een deel van de bestrating vervangen met Olivijn grind dat met mineralen CO2 uit de lucht filtreert.
In de zomer komt de extra verkoeling van een dauwpuntkoeler. Deze HR- koeler (hoog rendement koeling) van Thermo Air koelt warme lucht met water als koudemiddel zonder dat de lucht vochtig wordt. Deze indirect adiabatische koeler maakt gebruik van waterdamp en heeft alleen stroom nodig voor de ventilator. Daardoor gebruikt hij 80% minder elektriciteit dan traditionele koelsystemen. Deze techniek is ontwikkeld door Thermo Air in Huizen en Statiqcooling in Amsterdam. “Met deze techniek kunnen kantoren en datacentra veel energie besparen. Bovendien is het een zeer onderhoudsarm product,” aldus ingenieur Walter van Kampen, verkoopleider van Thermo Air.

Zoutpanelen
De PCM klimaatwand (Phase Change Materials) is een gezamenlijk project van Brakel Interieurgroep in Hilversum, en ingenieur Harry Schmitz, technical director van Autarkis in Almere. Samen met Marcel Gouw heeft Schmitz de PCM panelen en de samenstelling van de zoutoplossing ontwikkeld. De zoutoplossing in de panelen reageert op de temperatuur van de buitenlucht die erlangs wordt geblazen (zie kader). Het verandert constant van vaste naar vloeibare toestand en weer terug. De smelttemperatuur van de zoutoplossing is ongeveer 20 ̊C., waardoor de klimaatwand het hele jaar door een optimale temperatuur van rond de 20 ̊C. creëert.
Harry Schmitz: “Die wand is het meest chique product dat we hebben. Dit heeft echt toekomst in de utiliteitsmarkt, omdat het een super eenvoudig installatieconcept is. En het effect van een koelsysteem dat op één centrale plek koude lucht onder hoge druk en hoge snelheid de ruimte in blaast, ervaren mensen als tocht.
Dit systeem zorgt voor een tochtvrije distributie. En niet alleen de ventilatielucht wordt geconditioneerd, maar ook de binnenlucht aan de voorzijde van de wand, door straling en vrije convectie.”
Dat het informatiecentrum de houtkachel en de dauwpuntkoeler nog wel nodig heeft, ligt volgens Schmitz aan het Nederlandse klimaat. “Dit systeem zou beter toepasbaar zijn in de Sahara.
De seizoensmatige verschillen zijn daar kleiner, waardoor je geen seizoenen hoeft te overbruggen. Aan de andere kant is het verschil in temperatuur tussen dag en nacht veel groter, waardoor je de panelen ’s nachts veel makkelijker kunt invriezen, zodat ze de volgende dag weer warmte kunnen afgeven.” De verwachting is dat de houtkachel en de dauwpuntkoeler van het informatiecentrum uitgezet kunnen worden tijdens het voor- en najaar.

Terugverdientijd
Onder de klimaatvloer op de begane grond zijn dezelfde zoutpanelen geplaatst, alleen wordt hier water gebruikt om het zout te smelten of te bevriezen. Bovendien nemen de panelen in de vloer de warmte uit de ruimte automatisch op als er veel mensen aanwezig zijn die de temperatuur doen stijgen.
Gerrit van den Brand, technical/sales manager bij Unifloor in Deventer, heeft dit vloersysteem ontwikkeld en is bijzonder enthousiast over de verwachte energiebesparing: “Het is een testcase met het oog op 2020. Maar de uitkomsten van de metingen die we hebben verricht in eerdere proefprojecten waren boven verwachting. Met die cijfers komen we in de toekomst naar buiten. Het is een investering, maar dit heeft een terugverdientijd van drie tot vijf jaar. En met deze panelen kun je 30 jaar vooruit, zonder onderhoud.”

Speeltuin
Om echte innovaties te kunnen realiseren, moest er ook een revolutie plaatsvinden tijdens de bouw van het informatiecentrum. ”In de bouw ligt normaal alles vast en is men alleen maar bezig met bestekken,” vindt Steven Lobregt van Sparkling Projects.
“Als ik een kantoorpand wil bouwen, komt er een ingenieur met checklijstjes die mij gaat vertellen hoe ik moet bouwen. Zo kom je nooit verder.”
In samenwerking met Van Norel Bouwgroep in Epe en installatiebedrijf Hollander techniek in Apeldoorn, ging de bouw van start zonder een gedetailleerd plan, maar wel met duidelijke budgettaire kaders die alleen met goede argumenten konden worden overschreden. “Het vergt een andere manier van denken. Als je mensen uitdaagt komen er ineens betere en betaalbare oplossingen naar voren. In zo’n team denkt iedereen mee over hoe we nog efficiënter kunnen bouwen. Dat is veel leuker. Het is een speeltuin voor ons. We hebben bijvoorbeeld geen lichtknopjes en thermostaten, omdat we de temperatuur, het licht en de ventilatie met de smartphone willen bedienen.
De bekabeling voor die knopjes ligt klaar voor als het fout gaat. Maar die opdracht hopen we nooit te hoeven geven.”
Over resultaten in het informatiecentrum kan Lobregt nog niets zeggen. “We zijn heel benieuwd wat het comfort is met dit systeem. Maar we zitten er nog niet zo lang. De komende twee, drie jaar zullen we continue metingen verrichten en over een half jaar gaan we erover publiceren.” Wel ziet Lobregt in dat niet iedereen op goede resultaten zit te wachten. “Voor koude technische installateurs is dit niet leuk, want een loodgieter kan dit hele klimaatsysteem aanleggen voor een lager uurloon. Mensen van hoge kwaliteit die met koudemiddelen werken, heb je hier niet voor nodig.”

Fase-overgangsmaterialen
De klimaatbeheersing in het informatiecentrum rust grotendeels op het principe van PCM: Phase Change Materials (fase-overgangsmaterialen). Deze materialen kunnen warmte opnemen of afgeven als ze van fase veranderen. De toegepaste systemen maken gebruik van de faseovergang vast naar vloeibaar en andersom (smelten en stollen) of van vloeibaar naar gas (verdampen). Hierbij wordt gebruik gemaakt van natuurlijke(water) en kunstmatige PCM materialen (zouten).

De HR-koeler die in de zomer de buitenlucht afkoelt en via luchtkanalen naar de klimaatwand stuurt, maakt gebruik van water dat wordt omgezet van vloeibare vorm naar gas. De zoutoplossing in de polypropeen panelen die in de klimaatwand en de klimaatvloer zijn geplaatst, is een kunstmatige PCM. Door warme lucht smelt de oplossing waardoor verkoeling plaatsvindt, en met koude lucht bevriest het zodat warmte vrijkomt. In de klimaatvloer bevriest of smelt het PCM met behulp van water dat door geïntegreerde vloerverwarmingsslangen loopt.

Met (geheime) additieven kan de smelttemperatuur van de zoutoplossing ingesteld worden, wat vrij uniek is. Zo wordt de klimaatwand een thermische accu die de ruimtetemperatuur gedurende het hele jaar kan stabiliseren op 20, 21, of 22 ̊C., met minimaal gebruik van energiebronnen. Het PCM fungeert gedurende de grootste tijd van het jaar als basis verwarming en koeling . De houtkachel en de HR-koeling zijn noodzakelijk voor de warmere en koudere momenten in het jaar (pieken)

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Jaap Eden kunstijsbaan ziet Abraham

Door ing. Ernst Berends / GEA Grenco - Lid van de redactieraad van RCC Koude & Luchtbehandeling

Op 22 december is het 50 jaar geleden dat de Jaap Edenbaan officieel geopend werd. Op 9 december 1961 nam schaatsminnend Nederland al bezit van deze ijsbaan, die dat eerste weekend maar liefst 8000 baantjestrekkers trok! In het eerste deel van dit artikel kunt u lezen over het ontstaan van de baan en de hindernissen die daarbij moesten worden genomen.

Hoe kwam deze - toentertijd - derde 400-meterbaan ter wereld en eerste met NH3 in de baanpijpen tot stand? Daarvoor gaan we terug naar eind 1950. Nederland beschikte toen nog maar over één 60 bij 30 meter kunstijsbaan, de HOKIJ (Haagse Overdekte Kunst IJsbaan), geopend in 1937. Er waren er drie, maar in 1951 werd de baan in de Apollo-hal gesloten en in het zelfde jaar ging ook het open baantje van 52 bij 24 meter in Tilburg dicht.
Deze werd geopend in 1938 en maakte gebruik van de NH3/pekel-installatie van de naburige Eerste Tilburgsche IJsfabriek.
Toen de koelkast gemeengoed werd in de huishoudens waren er geen ijsstaven meer nodig. De ijsfabriek sloot en daarmee ook deze ijsbaan. Pas in 1964 kreeg Tilburg weer een kunstijsbaan, nu 60 bij 30 meter met directe NH3-koeling (installatie Grasso).
In het naoorlogse Nederland, met de wederopbouw in volle gang, begon men weer aan luxe dingen te denken. Zo ook aan een 400-meterbaan. Henny Roos – een internationaal bekend bestuurs– en jurylid van KNSB/ISU - zei in 1956 na afloop van de Olympische Winterspelen in Cortinna d’Ampezzo: “Geef ons een kunstijsbaan en over vijf jaar behoren we tot de wereldtop.”

Nya Ullevi
Maar Zweden was ons voor. In Gotenburg was ter ere van het WK-voetbal in 1958 het prachtige Nya Ullevi stadion verrezen met circa 50.000 zitplaatsen. Verder was het stadion geschikt voor atletiek, speedway en gedurende de wintermaanden ook voor schaatsen.
Op de sintelbaan en gedeeltelijk op het sportveld werden dan opneembare stalen pijpelementen gelegd. Daar door werd pekel gepompt, dat werd afgekoeld door een R22-installatie van STAL Refrigeration. Dit was de eerste 400-meter kunstijsbaan ter wereld. Tot 1984 zijn daar vele EK’s en WK’s gehouden. Ard en Keessie vierden er hun triomfen. Daarna is de koelinstallatie afgebroken.
Het was overigens niet de eerste kunstmatig gevroren hardrijbaan, want Budapest had sinds 1926 al een 200-meterbaan met directe NH3-koeling. Deze werd een paar jaar later vergroot tot 300 meter en uiteindelijk in 1967 naar 400 meter. Hier worden in februari 2012 de Europese Kampioenschappen gehouden. Weer ouderwets in de openlucht tegen een sprookjesachtig decor.
Voor de Olympische Winterspelen 1960 in Squaw Valley (Californië) werd daar ook een 400-meter kunstijsbaan gerealiseerd. Dankzij de zeer hoge ligging in de bergen, op 1.890 meter, werden alle bestaande records verpulverd. Ook hier werd gebruik gemaakt van een indirecte R22/pekel-installatie, nu van York. Al snel na de Spelen is de installatie verwijderd en hergebruikt in West Allis.

Deventer
Terug naar Nederland. In 1957 was de voorzitter van de Deventer IJsclub in New York en zag daar het druk bezochte ijsbaantje op Rockefeller Center. Thuis kreeg hij zijn medebestuurders “warm” voor een ijsbaanidee. Een gedetailleerd uitgewerkt plan werd naar de schaatsbond gestuurd. Dat viel op zich in goede aarde, alleen de afmetingen van 60 bij 30 meter niet. Deventer was flexibel genoeg om snel een nieuw plan te maken, nu voor een 400-meterbaan. De investeringskosten werden alleen wel twee keer zo hoog. In 1960 zegde de Nederlandse Sport Federatie steun toe.
In meer plaatsen kwam animo voor kunstijsbanen. Zo ook in Amsterdam.
Sportjournalist Kick Geudeker was de animator om zo’n baan in Amsterdam te realiseren. Geudeker stichtte met Jo Jaspers van de Amsterdamse Sportraad (adviesorgaan van het gemeentebestuur) in oktober 1958 de Stichting Sport Initiatieven Amsterdam (SIA). Ze ontplooiden plannen voor een opneembare kunstijsbaan op de bestaande atletiek/spoei-ijsbaan Middenmeer in Amsterdam-Oost. Ook zij klopten aan bij de NSF, maar die hadden al toegezeggingen gedaan aan Deventer. In hun hart gaven ze echter de voorkeur aan het Amsterdamse plan. Besloten werd toen dat beide banen er kwamen en ieder 250.000 gulden kreeg.

Amsterdam
Vanwege de centralere ligging, goede ondergrond met drainage, de al aanwezige lichtinstallatie en kleedkamers kwam de baan in Amsterdam er het eerst. Geschatte bouwkosten: circa een miljoen gulden. De ontbrekende 750.000 gulden werden geleend van de Gemeente Amsterdam. Het was dus de derde 400-meter kunstijsbaan ter wereld. Inmiddels zijn er honderden.
Alleen in Nederland al zijn er vijftien. Op 1 april 1961 ging de opdracht naar Grasso’s Koninlijke Machinefabrieken in Den Bosch. Oud hoofredacteur van RCC K&L en medeontwerper van de baan Ir J. van Male vertelt hoe dat ging: “In 1954 volgde ik mijn vader op als directeur van de Apeldoornse Machine Fabriek (AMF), een kleine koeltechnische onderneming. Ik deed dit op verzoek van de commissarissen (Reesink - Zutphen) maar kwam er spoedig achter dat die fabriek in de bestaande staat geen toekomst had. Door een samenwerkingsverband aan te gaan met STAL Zweden (de Nederlandse vertegenwoordiging) meende ik een overlevingskans te kunnen creëren.”
“In 1959 ontstond er in Nederland als gevolg van de successen van Van der Grift en Liebrechts, interesse in een 400-meterbaan. STAL was bekend met zijn Ullevi-baan en wij (STAL en AMF) hadden ongetwijfeld de meeste kans de opdracht binnen te halen, als die baan tot realisatie zou komen. Wij werden niet benaderd, maar namen zelf het initiatief. Via Hennie Roos kwamen we in contact met Kick Geudeker. In de periode waarin we op hun voortgang moesten wachten, kwam er een breuk tussen STAL en AMF. Laatste werd door
Grasso overgenomen en zo kwam ik dus in maart 1961 bij Grasso in dienst. Er ontstond met betrekking tot de ijsbaan uiteraard hevige concurrentie tussen STAL en Grasso.”
“Geudeker is door mij namens Grasso en door Jacobsen namens STAL, belaagd. Uiteindelijk is het pleit op een zaterdagmiddag - thuis bij Geudeker - door mij, gesteund door Louis van Heijst (directeur Grasso), gewonnen. De initiatiefnemers hadden een 400-meter atletiekbaan voor ogen, waarop in het winterseizoen een buizensysteem kon worden gelegd waarmee een ijsbaan kon worden gerealiseerd.”
“Bij het ontwerp van de baan heb ik in verband met het energiegebruik geopteerd voor directe verdamping met pompcirculatie en ammoniak als koudemiddel (Ullevi had pekelkoeling en R22 als koudemiddel). In verband met het lichte golfprofiel van het ijsoppervlak, heb ik de pijpen dwars op de rijrichting ontworpen. Omdat men de baan wilde kunnen opnemen moesten de pijpsegmenten in zand worden gelegd. Ik heb de betrokkenen er overigens van verzekerd dat het jaarlijkse opnemen echt vergeten moest worden.
Nadat dat éénmaal was uitgevoerd, was iedereen daarvan overtuigd. In verband met de ammoniak moest aan zeer strenge veiligheidseisen worden voldaan. Met warmteterugwinning is geen rekening gehouden. De baan moest van 1 november tot circa 1 maart bruikbaar zijn. De warmtebelasting zal door mij aan de hand van de beschikbare data zijn berekend. Daaromtrent kan ik mij weinig meer herinneren.”
“Het tekenwerk is verricht op de tekenkamer van Grasso, door een constructeur genaamd Bécude, en de montage stond onder de supervisie van de chefmontage Wellens. Tijdens de montage heb ik veelvuldig en bijzonder plezierig contact gehad met de eerste directeur, Gé van Amerongen. Voorzover ik mij herinner hebben er zich geen grote problemen bij de bouw voorgedaan .Ik ben eenmaal ‘s nachts uit bed gebeld om mij ijlings naar Amsterdam te spoeden. Maar ik herinner mij niet meer waarvoor dat was, dus heel ernstig zal het wel niet geweest zijn.
Tenslotte wil ik nog benadrukken dat ik - uiteraard - veel contacten met collega’s heb onderhouden en van hen veel adviezen en voorstellen heb kunnen gebruiken. Details daaromtrent kan ik mij niet meer herinneren, maar de enige ontwerper van de Jaap-Edenbaan ben ik beslist niet.”

Ontwerp
De opdracht ging dus op 1 april 1961 naar Grasso. Vanwege de zeer natte zomer werd de streefdatum van 15 november niet gehaald, maar op 9 december 1961 werd er geschaatst – veertien dagen voor de officiele opening. De totale bouwkosten bedroegen 1,25 miljoen gulden.
Bij +10 ̊C., 75 procent RV, wind 5 m/s en een ijsdikte van vijf centimeter moest er een droge baan in stand gehouden kunnen worden ( ijsopp –1 ̊C. ), met maximaal toelaatbare hoogteverschillen van 1 mm boven/tussen de pijpen.
Niemand ter wereld had ervaring met een zo’n grote ijsbaan met verdampende NH3 in de baanpijpen. Als groot voordeel werd twintig procent energiebesparing beloofd ten opzichte van de twee al gerealiseerde R22/pekel-400-meterbanen. Het grote corrosiegevaar van pekel werd als nadeel opgevoerd.

In de Grasso/Grenco bedrijfsarchieven is zeer veel info gevonden. Dikke mappen met rapporten en grafieken (alles met het handje zonder PC!). Eind april waren er al berekeningen klaar over hoe diep de vorst in de grond zou dringen. De pijpen lagen immers deels op de bestaande sintelbaan, geen isolatie daaronder, vele berekeningen over drukverlies in baanpijpen en hoofdleidingen.

In het volgende nummer van RCC K&L deel twee van dit artikel, waarin u kunt lezen hoe de Jaap Edenbaan tot stand kwam en hoe het verder ging.

Meer informatie: www.50jaarjaapeden.nl of www.geagrenco.nl

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Rendement van een zonnepaneel meten met een Pyranometer

Duurzame energie uit zonnepanelen is ook in Nederland uitstekend haalbaar. De grote vraag bij het plaatsen van zonnepanelen is: hoe bereik je het maximale rendement?
Het gaat daarbij om de effectiviteit van de zonnestraling die het paneel opvangt. Is deze optimaal, dan weet de gebruiker dat het maximale rendement kan worden behaald. Deze zonnestraling wordt gemeten met een Pyranometer. Ook is het belangrijk wat de temperatuur is van de panelen. De opbrengst van zonnepanelen wordt bepaald bij een temperatuur van 25 ºC. Een temperatuur van 65 ºC. is echter op een zonnige dag zeker geen uitzondering. Bij deze temperatuur wordt ruwweg 20 procent van de opbrengst ingeleverd, dus moet een hoge temperatuur worden vermeden. Er zijn vele methodes om te koelen, maar het eenvoudigst is wel om de panelen zodanig op te stellen dat er natuurlijke koeling plaatsvindt. Speciaal voor het meten van de oppervlakte temperatuur van de panelen heeft Delta Ohm een handig te plaatsen, vlakke, Pt100 sensor ontworpen. Delta Ohm heeft het pakket meetsensoren uitgebreid met een aantal First class en Secundary Class Pyranometers.

Meer infonnatie: www.deltaohm.nl of sales@deltaohm.nl of 085-2731917


Biral: over duurzame vooruitgang

De VSK staat voor Biral in het teken van duurzaamheid, energiebesparing en kennis. Op het gebied van energiebesparing presenteert Biral voor mediumtemperaturen van -10 ºC. tot +110 ºC. een universeel inzetbare serie circulatiepompen, de A-KW. “Condensatieschade bij bijvoorbeeld koud water is nu voorgoed verleden tijd. Dat is te danken aan het unieke tweekamersysteem, dat u op de stand in werking kunt zien bij mediumtemperaturen tot - 10 ºC.”
Bij de grotere pompen wordt de elektronische toerenregeling op een console geplaatst. Beide oplossingen voorkomen condensvorming in de elektronica, garanderen een probleemloos bedrijf en besparen tot 70% op energie. Net als de overige circulatiepompen voldoen ook deze pompen aan de Europese wetgeving die in 2013 van kracht word. Omdat de wetgeving bij veel mensen nog onbekend is, zal hier op de stand uitgebreid aandacht aan worden besteedt VSK hal 08, stand D044.

Meer informatie: www.biral.nl


Werkbonnen en uren van Syntess

Op de VSK-beurs is Syntess Software present met alle edities van Syntess Atrium. Centraal staan de nieuwe werkvloerapplicaties Werkbonnen en Uren. Deze worden gedemonstreerd op tablet computers, zoals de Ipad.
De werkvloerapplicaties kunnen op ieder computersysteem met een webbrowser gebruikt worden. Naast de werkvloerapplicaties presenteert Syntess Software de laatste release van “webselectie artikelen.” Hierbij is geen lokaal artikelbestand meer aanwezig in Syntess Atrium. “Benodigde artikelen kunnen op de website van uw leverancier worden opgezocht en mee overgenomen worden naar Syntess Atrium in de op dat moment openstaande toepassing. Op deze manier beschikt u altijd over up to date artikelgegevens rekening houdend met uw condities.” Voordeel van deze werkwijze is dat de gebruiker altijd de beschikking heeft over actuele artikel- en prijsinformatie en bovendien de voorraadpositie direct kan worden gecheckt. Ook fabrikantendocumentatie en fotomateriaal zijn voorhanden. Tevens is een webselectie mogelijk met 2BA.VSK standnummer 04B088.

Meer informatie: www.syntess.nl


Warmtewisselaars met Eco-Mode-besturing helpen stroom te besparen

Dat op vloeistof werkende koelsystemen voor de klimatisering van schakelkasten nog efficiënter kunnen, blijkt uit ontwikkelingen bij Rittal. De klimaatspecialist heeft alle componenten van zijn actuele lucht-waterwarmtewisselaars afgestemd op een hoge mate van energiezuinigheid.
Bij de nieuwe comfortapparaten met koelvermogens van 500-5.000 W wordt bijvoorbeeld de nieuwe intelligente EcoMode-besturing toegepast. Afhankelijk van de temperatuur in de schakelkast schakelt deze besturing de ventilator naar behoefte uit of in. De ventilator schakelt uit als de binnentemperatuur circa 10 ºC. lager is dan de ingestelde temperatuur. Om de daadwerkelijke temperatuur in de schakelkast te meten, schakelt de regeling de ventilator elke tien minuten 30 seconden in om de lucht in de schakelkast te laten circuleren.
De nieuwe apparaten bieden ook montagevoordelen zij zijn in minder dan twee minuten aan de schakelkast te monteren.

Meer informatie: www.rittal.nl


Tetris “Custom Made free Coolingl”

Met de nieuwe generatie Tetris “Free Cooling” koelmachines van Western Airconditioning wordt de vrije koeling afgestemd op uw vraag of de vraag van uw klant. Dit met de hoogste rendementen en het laagste geluidsniveau. De Tetris-range is leverbaar tussen 97 en 523 kw in vijf uitvoeringen. Naast de standaard uitvoering zijn de A en A+ verkrijgbaar met een zeer hoog rendement. Is geluid van belang, dan is de geluidsarme uitvoering SLN te verkrijgen. Ook is de combinatie tussen hoog rendement en laag geluid mogelijk in de uitvoering A SLN. Elke Tetris koelmachine levert in combinatie met de “FC module” 100 procent “Free Cooling.” Elke koelmachine kan weer in drie verschillende uitvoeringen afgestemd worden op vrije koeling wensen. Totaal zijn in de range 105 verschillende uitvoeringen leverbaar.

Meer informatie: www.western.nl of 033-2477800 of info@western.nl


De Espace Programmeerbare Verdeler

Op het gebied van aansturing en distributie van water zijn er grote ontwikkelingen gaande. De volledig uit kunststof opgetrokken vloerverwarmingsverdeler is hier een mooi voorbeeld van. In plaats van één centrale pomp wordt er per groep een minipompje toegepast (decentraal).
Deze pompjes worden vervolgens met behulp van een bussysteem digitaal aangestuurd.
Inregelen hoeft niet meer; iedere vloerverwarmingsgroep krijgt automatisch het ontwerpdebiet.
Door het toepassen van decentrale minipompen kan tot 20 procent aan verwarmingsenergie en tot 50 procent aan elektrische energie bespaard worden. Bovendien is het mogelijk om later heldere gebruiksgegevens te generen waarmee de installatie kan worden geoptimaliseerd “Thermagas is in staat om samen met u deze systemen op maat te programmeren en leveren. Ideaal voor het realiseren van uw toepassing. Maak uitgebreid kennis met dit systeem tijdens de VSK 2012.”

U vindt ons in Hal 9, stand nummer D 078.


Onderweg naar een groene revolutie: AC2EC

ebm-papst introduceert twee nieuwe uitvoeringen EC -ventilatoren die zijn voorzien van de superzuinige EC-techniek en direct 1:1 uitwisselbaar zijn met AC -ventilatoren. Met exact dezelfde afmetingen als de wisselstroom ventilatoren, kunnen nu tot 40 procent zuinigere GreenTech ventilatoren worden toegepast. Standaard AC2EC-ventilatoren draaien op twee toerentallen: het toerental overeenkomend met de pooltallen van AC -ventilatoren.
dus 2800, 1400 of 900 rpm en een extra toerental (net wat hoger) zodat elke ventilator een “boost” stand heeft.
Daarnaast zijn ze ook leverbaar met een analoge 0-10 vdc-ingang, waardoor een traploze toerentalregeling mogelijk is. Deze toch zeer compacte GreenTech ventilatoren zijn er in twee uitvoeringen: Radiaal backward curved: zuinige en stille RadiCal-wielen en Axiaal: HyBlade-vleugels al vanaf 300 mm diameter. Uiteraard voldoen beide typen ventilatoren volledig aan de ERP 2015 norm.

Meer informatie: www.ebmpapst.nl


Centraal geregeld is goed geregeld

Tasseron introduceert de nieuwe Commander van Störk-Tronic, een centrale bedienen weergave-eenheid voor maximaal 32 temperatuurregelaars. In situaties waar op meerdere plaatsen de temperatuur geregeld moet worden is het soms lastig het overzicht te behouden. Immers hebben de regelaars vaak verschillende functies en instellingen. De Commander biedt dan dé oplossing. Via een 4.3" kleuren touchscreen en een intuïtief menu kunnen alle aangesloten temperatuurregelaars bekeken en bediend worden. Dit kan ook vanaf de werkplek op de computer of onderweg met een smartphone via het internet. De kleine behuizing herbergt nog meer nuttige functies zoals plug & play-installatie, alarmering en loggen volgens HACCP standaard, energiezuinige ECO-modus en een weektimer met schakelmomenten (bijvoorbeeld voor de ontdooifunctie). Tasseron verzorgt on-site demonstraties en biedt tevens de gelegenheid om op de aankomende VSK-beurs de Commander in werking te zien.

Meer informatie: www.tasseron.nl


Uitbreiding SCM-serie multisplit buitendelen

Mitsubishi Heavy Industries heeft onder de noemer SCM de meest energiezuinige multisplit airconditioningbuitendelen die in de markt verkrijgbaar zijn. De SCM-serie is nog breder geworden met twee nieuwe typen buitendelen van 10 en 125 kW, waar respectievelijk maximaal vijf en zes binnendelen op aangesloten kunnen worden.
Hiermee bestaat de SCM-multisplitlijn nu uit totaal acht buitendelen met capaciteiten van 4,0 kW tot met 12,5 kW De buitendelen werken zeer energiezuinig in zowel koel- als verwarmingsmodus en hebben allemaal een COP boven de 4,0 De SCM-buitendelen zijn standaard uitgevoerd met een winterregeling waardoor koelen tot -15 ºC. mogelijk is. Naast de uitbreiding van de serie buitendelen zijn er nu ook meerdere typen binnendelen aansluitbaar. Zo zijn de plafondonderbouwunit FDE50 en de satellietunit FDUM50VF aansluitbaar. Dit naast de al vertrouwde FDTC 60x60 cassette-units, SRK-wandunits, SRF-vloerunits en SRR-satellietunits.
Als enige officiële importeur van Mitsubishi Heavy Industries airconditioning in Nederland levert Coolmark deze producten uiteraard uit voorraad.

Meer informatie: www.coolmark.nl/www.mhi-airco.nl


Auerhaan introduceert Ecotherm-warmteterugwinning

Auerhaan introduceert een nieuwe serie warmteterugwinunits met verwarming en koeling. De warmteterugwinning vindt plaats met behulp van twee in serie geplaatste, statische, aluminium kruisstroomplatenwisselaars. Met deze opstelling realiseert de Ecotherm een rendement van circa 90 procent. De Ecotherm-serie bestaat uit zeven modellen met luchtcapaciteiten van 1.000 tot 15.000 m3/h. De toegepaste hoogrendement-centrifugaalventilatoren zijn voorzien van energiezuinige gelijkstroommotoren. Standaard zijn de units voorzien van een modulerende 100 procent bypass buitenluchtkleppensectie, vlakfilters G4 aan de gebouwzijde en F7-zakkenfilters aan de buitenluchtzijde. De geavanceerde Honeywell DDC -regeling zorgt voor een optimale, duurzame aansturing van de luchtbehandelingsunit, inclusief de optionele warmtepompen. Net als de overige luchtbehandelingsunits van Auerhaan, is ook de warmtepompuitvoering plug & play voorzien van een complete regeling, stekkerklaar en volledig voorgeprogrammeerd.

Meer informatie: www.auerhaan-klimaattechniek.nl


Touch Pilot-regelaar maakt AquaSmart™-systeem netwerkgeschikt

Carrier Corp., onderdeel van United Technologies Corp. en wereldleider in geavanceerde verwarmings-, ventilatie-, airconditioning- en koeloplossingen (HVACR), introduceert de AquaSmart Touch Pilot voor haar AquaSmart™ hydrosysteem. Het krachtige, intuïtieve bedieningspaneel en de internetfuncties van het AquaSmart Touch Pilot regelsysteem bieden opties voor uitgebreid HVAC-systeembeheer voor gebouwen via een computer of smartphone vanuit overal in de wereld. Klanten kunnen hun klimaatbeheersingssystemen ter plaatse of extern regelen voor een optimale werking en energiezuinigheid van het systeem.
Gekleurde intuïtieve pictogrammen leiden de gebruiker door de menu’s van de AquaSmart Touch Pilot, bijvoorbeeld om technici die belast zijn met regeling en comfort in het gebouw gemakkelijk toegang te geven tot het klimaatsysteem. Informatie over het energiegebruik, trends en alarmen is direct beschikbaar, bijvoorbeeld om problemen gemakkelijk te identificeren en te verhelpen.
Deze externe regel- en bewakingsfuncties kunnen worden uitgebreid naar een of meerdere locaties met meerdere gebouwen (hotels, vestigingen, regionale kantoren), wat besparingen op personeels- en reiskosten oplevert.

Meer informatie: www.carrier.nl/aquasmart


Aardbeien in de winter - Van de redactie

Ik houd van de decembermaand. Met zijn korte dagen, lange avonden, de sint, de geur van dennennaalden en het gezellige kerstfeest. En natuurlijk van de kou, al valt dat tot nu toe nog tegen. Vorig jaar lag er rond deze tijd al een flink pak sneeuw. Ik geniet er van om lekker met dikke kleren aan en een warme sjaal om door de Achterhoek wandelen. Om dan bij thuiskomst, met een rode neus en steenkoude handen, chocolademelk met slagroom te drinken. Heerlijk!
Ook bij ons wordt met kerst een kerstdiner gehouden. Het is mij opgevallen dat je tegenwoordig helemaal geen rekening meer hoeft te houden met welke ingrediënten nodig zijn voor het klaarmaken van een bepaald gerecht. Je kunt rond de kerst rustig een toetje met verse aardbeien op het menu zetten. Die zijn rond deze tijd gewoon te koop.
En ook andere zaken, die voorheen alleen in bepaalde seizoenen in de winkels lagen, zijn tegenwoordig het jaar rond verkrijgbaar. Zo kon je nog niet eens zo heel lang geleden mosselen alleen maar krijgen als de R in de maand zat. Maar ook die kun je tegenwoordig rustig midden in de zomer eten. En wat dacht u van rabarber, asperges, frambozen, perziken, kersen?
Allemaal het hele jaar door in de schappen.
Dat heeft natuurlijk allemaal te maken met koeling.
Veel van dergelijke producten worden met behulp van koeltransporten uit het buitenland gehaald. Daarna worden ze hier in de diverse koel- en vrieshuizen opgeslagen. Soms moeten producten nog narijpen en ook dat vraagt een speciale manier van behandelen.
In dit nummer van RCC Koude & Luchtbehandeling, over koeling in de voedselketen, en ook in de bijlage Total Energy, die koel- en vrieshuizen en logistiek als thema heeft, kunt u lezen wat daar allemaal bij komt kijken.
Mocht u nu tijdens de donkere dagen aan het einde van dit jaar toch een beetje neerslachtig dreigen te worden, dan raad ik u aan een kerstdiner te bereiden met heel veel zomerse ingrediënten. Dan zal tijdens het kerstdiner toch de zon een beetje voor u gaan schijnen.
De redactie van RCC Koude & Luchtbehandeling wenst u prettige kerstdagen en een goed 2012!

Christine Linneweever - Redactiecoördinator RCC Koude & Luchtbehandeling

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat

 

 
     
     
 
     
 

KNVvK
bezoekersadres:
Zandlaan 29
6717 LN  Ede
tel.: +31(0318) 697 198
fax: +31(0318) 697 199

correspondentie:
postbus 32
6710 BA  Ede
e-mail:  info@knvvk.nl

Lid worden?
klik hier