Artikelen Koude & Luchtbehandeling terug

April 4a Voorjaarsnummer 2009

Thema Ventilatie

Bonus voor warmte bij opwekking duurzame elektriciteit

In het kader van het EZ-programma Warmte op Stoom wordt nu het gebruik van warmte bevorderd bij de opwekking van duurzame elektriciteit. Dat is ook uiterst relevant bij (industriële) koeling.

De subsidieregeling omvat een toeslag voor de elektriciteit bij nuttig gebruik van de vrijkomende warmte. De toeslag wordt groter naarmate er meer warmte per kWh elektriciteit wordt benut. Voor biowkk tot 10 MWe met mestcovergisting, verbranding van vaste biomassa of vloeibare organische reststromen (vetten en olie) is de toeslag maximaal 2,5 ct per kWh t.o.v. geen warmtebenutting, en bij biogas uit GFT maximaal 2 ct per kWhe. Voor installaties van 10 tot 50 MWe loopt de toeslag op tot 4 ct per kWh, maar is het basisbedrag voor de duurzame elektriciteit lager dan bij de kleinere installaties.
De bonus geldt voor klimatisering van gebouwen (dus niet alleen verwarmen, maar ook koelen, ontvochtigen en bevochtigen), verwarming van kassen, verwarming van industriële processen en industriële (absorptie)koeling. Als de warmte aan een warmtenet wordt geleverd, moet aannemelijk worden gemaakt dat de afnemers de warmte voor deze doelen gebruiken. De warmte moet door een erkend meetbedrijf worden geregistreerd en maandelijks worden opgegeven. De regeling gaat per 6 april open en sluit eind oktober. In 2010 zal EZ de regeling eerder openen om aanvragers meer tijd te bieden.


Legionellaveilig en milieuverantwoord beheren van klimaatinstallaties

Inleiding
Het legionellaveilig beheren van koeltorens staat volop in de belangstelling. Op 14 mei organiseert ISSO een seminar over het legionellaveilig en milieuverantwoord beheren van klimaatinstallaties.

Bij het incident met de koeltoren bij het postkantoor nabij het CS in Amsterdam, zorgde een legionellabesmetting in 2006 voor drie doden. Dat heeft de overheid gealarmeerd en in actie gebracht. De Arbo-regelgeving bleek onvoldoende bescherming te bieden voor de mensen die toevallig in de buurt van zo’n koeltoren verblijven op deze passeren. Wel bood de Wet Milieubeheer een aantal aanknopingspunten en daar heeft de regering op ingehaakt. De gemeenten zijn in eerste instantie verantwoordelijk voor het toezicht op de Wet Milieubeheer.
Binnen de risico-inventarisatie en de beheersmaatregelen is waterbehandeling een essentiële activiteit. Er zijn veel alternatieven op de markt. Effectiviteit, eenvoud, kosten en belasting van het afvalwater spelen uiteindelijk een belangrijke rol bij de keuze. De partijen die met dit onderwerp worstelen, hebben vaak de volgende vragen:
- Wie is verantwoordelijk?
- Welk type waterbehandeling moet ik kiezen?
- Hoe moet ik het beheer van een koeltorensysteem organiseren?
- Mag ik het spuiwater wel lozen op het riool?
- Kan een legionella-analyse niet veel betrouwbaarder en sneller?
Op al deze vragen zullen de deskundige sprekers tijdens deze middag trachten een antwoord te formuleren. Het plenaire gedeelte wordt geopend door dr. Jan Boelhouwer (PvdA), lid van de Tweede Kamercommissie VROM. Vervolgens komen de onderwerpen wetgeving en toezicht, risicoanalyse, detectiemethoden legionella, beheer van koeltorens en milieuaspecten van spuiwaterlozingen op het openbaar riool aan de orde. Daarna vinden er parallelsessies plaats over waterbehandeling en het technisch ontwerpen van koeltorens.
Wie kunnen er niet ontbreken? Gebouwbeheerders, beleidsmedewerkers, hoofden
van technische dienst, medewerkers van toezichthoudende instanties gemeenten en provincie, Arbo-preventiemedewerkers (KAM-coördinatoren), onderhouds- en installatiebedrijven, adviseurs, waterbehandelingsfirma’s en leveranciers.

Het seminar vindt plaats op 14 mei 2009 van 12.00 - 18.00 uur in het Mercure Hotel te Bunnik.


Online informatie breekt door

De website www.koudeenluchtbehandeling.nl blijkt steeds populairder: dagelijks maken vele honderden professionals uit de koeltechnische branche gebruik van de website, om interessant nieuws uit binnen- en buitenland, gedegen achtergrondartikelen en de laatste productinformatie te lezen. Een kort overzicht van de informatierijkdom van de RCC-site.

De homepage laat in één oogopslag het laatste nieuws zien, met de belangrijkste en meest populaire nieuwsberichten en artikelen, de Online-partners van RCC (met en directe links naar hun websites), de laatste cover met daaraan gekoppeld alle artikelen, het laatste productnieuws, de productcategorieën met vele honderden leveranciers.

Via een klik op het linkje “Alle artikelen uit dit nummer” ziet alle belangrijke artikelen uit het laatste nummer. Maar niet alleen dat: vanaf januari 2009 treft u alle belangrijke artikelen, geordend per uitgave, gemakkelijk herkenbaar aan de covers. Als extra service vindt u bovendien onderaan de artikelen die in de voorbije nummers geplaatst zijn, en complete PDF van het artikel.

Een krachtige service naar de lezers en commerciële partners van de site is de “offerteservice” . Via één klik op een productcategorie aan de rechterkant van de homepage, komt de gebruiker terecht op de offertepagina, waar hij heel eenvoudig en direct informatie kan opvragen. Een veel gebruikt onderdeel van de website.

Een website zonder vacatures is niet compleet. Op www.koudeenluchtbehandeling.nl vindt u honderden actuele vacatures, van monteur tot en met directeur. Het vacaturegedeelte van RCC komt tegemoet aan de behoefte in de branche aan gerichte arbeidsmarktcommunicatie. In samenwerking met BuildingJobs, het gespecialiseerde werving- en selectiebureau, wordt dit gedeelte van de site dagelijks geactualiseerd met de meest recente vacatures.

Voor gerichte online informatie: www.koudeenluchtbehandeling.nl de website voor professionals


9e IIR Gustav Lorentzen Conference in Sydney

Inleiding
De KNVvK ontving onderstaande uitnodiging om papers en sprekers te kunnen verkrijgen voor de Gustav Lorentze Conference in Sydney. De KNVvK ondersteunt de activiteiten voor deze conferentie door middel van bekendmaking van alles wat er op dit gebied naar voren komt. Tevens is de KNVvK met o.a. de NVKL en FKL en het IIR in gesprek om te komen tot een Gustav Lorentzen Conference in Nederland in 2012. De conferentie staat vooral in het teken van het bevorderen van natuurlijke koudemiddelen, maar er wordt ook ingegaan op innovatie en het gebruik van lage emissie en inhoud van de HFC-systemen. Energieaspecten spelen hierbij ook een voorname rol. Belangstellenden die papers willen verzorgen voor de conferentie in Sydney worden verzocht rechtstreeks contact op te nemen met de organisatie van de conferentie. De gegevens treft u hieronder aan. De KNVvK is lid van het IIR. Wij zouden het op prijs stellen als u uw aanmelding ook bij ons bekend zou willen maken, via info@knvvk.nl

Calling for Papers and first announcement

The International institute of refrigeration (lIR) and the Australian Institute of Refrigeration Air Conditioning and Heating (AIRAH) are proud to announce the 9th IIR Gustav Lorentzen Conference on Natural Working Fluids, to be held in Sydney from April 12-14 2010.
The 9th IIR Gustav Lorentzen Conference: natural refrigerants
- real alternatives, focuses on the latest research results and advances related to the use of natural refrigerants in refrigeration, air conditioning, heat pump systems and more.
Main topic areas will include:
- Natural primary refrigerants
- Secondary coolants and ice slurries
- Low emission and low charge (HFC) systems
- Sorption systems
- Non conventional refrigeration systems
- Heat transfer and fluid flow
- Energy use and energy efficiency of natural working fluid systems
This is the first time this one of a kind conference will be held in the southern hemisphere, following previous successful events in Denmark (Copenhagen) 2008, Norway (Trondheim) 2006, UK (Glasgow) 2004, China (Guangzhou) 2002, USA (Purdue) 2000, Norway (Oslo) 1998, Denmark (Aarhus) 1996 and Germany (Hannover) 1994.

The conference will bring together the world's leading professionals in the field and they will discuss the latest in research, technologies, case studies, practical applications, the future of natural refrigerants, world's best practice relating to energy efficiency, reduction of carbon
emissions and more.

Papers are being sought on the following key topics:
- Hydrocarbons
- Ammonia
- Carbon Dioxide
- Water
- Air
- Indirect Cooling
- Commercial refrigeration
- Industrial refrigeration
- Legal and Risk Management
- Emission + energy savings
- The future of refrigeration
- District Cooling and Heating
- Sorption systems
- Lubricants
- Sustainable heating and cooling with CO2
- CO2 in hot climates
- CO2 heat pump systems
- Heat Transfer and Heat Exchangers
More conference information can be found at: http://www.airah.org.au/iir-gl2010.asp

For more details on
- delegate information
- submissions of abstracts and technical papers
- sponsorship opportunities
- trade show enquiries
David Leach / Conference and Events Manager / AIRAH - Australian Institute of Refrigeration Air Conditioning and Heating
Level 3 / 1 Elizabeth Street / Melbourne
VIC 3000/' 61 386233004/7 61 396148949 www.airah.org.au / * david1airah.org.au


Duurzaamheid troef in de airconditioning hot item voor de VERAC
Duurzaamheid en integraal denken

Inleiding
Door de toenemende vraag naar duurzame toepassingen van airconditioning- en warmtepomptechnologie zijn met de apparatuur van de VERAC-leveranciers tal van installatieoplossingen voorhanden. Niet in het minst door de stimulering van duurzame oplossingen door overheden en bedrijven, maar ook vanuit de fabrikanten komen er steeds meer varianten van installaties. De warmtepomp wordt in toenemende mate toegepast om energie te besparen en bestaande energiebronnen te gebruiken.
In feite gaat het hierbij om het zoeken naar energiebronnen die (nog) gratis in de natuur of in de nabije omgeving voorhanden zijn. Zowel uit de buitenlucht als uit de bodem kan met de warmtepompfunctie in de “winterperiode” energie op een laag temperatuurniveau worden onttrokken. Op een hoger temperatuurniveau wordt de energie in de vorm van warmte weer afgegeven aan de gebouwen door middel van o.a. lucht, vloerverwarming, stralingsplafonds, convectoren e.d. Hiermee kan de aan de bodem onttrokken warmte in de winter dienen om een gebouw te verwarmen. In de zomer kan de afgekoelde bodem worden gebruikt om het gebouw te koelen en de bodem weer op te laden voor de winterperiode. Dit kan ook door de toepassing van de omkeerbare warmtepomp die in de winter warmte haalt uit de buitenlucht en in de zomer dient als airconditioningunit.
Er zal in alle gevallen steeds meer gekeken moeten worden naar het nuttige gebruik van de energie die, afhankelijk van vraag en aanbod, het gehele jaar door in wisselende hoeveelheden kan worden opgeslagen en hergebruikt. Dit alles leidt tot steeds slimmer toegepaste installaties.
Wij staan aan het begin van tal van mogelijkheden en oplossingen om zoveel mogelijk gebruik te maken van integrale installaties. Dit vergt ook integraal denken van de installateur. De installateur zal bij de vraag naar koude en/of warmte steeds meer moeten inspelen op de duurzame mogelijkheden om de combinatie van de koude- en warmtevraag te realiseren. Ook bij de groter wordende ventilatie-eis i.v.m. het verkrijgen en behouden van schone lucht in gebouwen wordt steeds meer gekeken naar de mogelijke uitwisseling van warmte. De kruisstroomwarmtewisselaar is daar een goed voorbeeld van, waarbij retourlucht en buitenlucht de onderlinge warmte-uitwisseling hebben. Hierdoor wordt voorkomen dat onnodig warme of koude lucht naar de buitenlucht verdwijnt.

Apparatuur
De fabrikanten die de VERAC-leveranciers vertegenwoordigen hebben bij de ontwikkeling van de apparatuur ook beseft dat het niet een kwestie is van de toepassing alleen als het om energiebesparing gaat. Ook de apparatuur wordt steeds geavanceerder. Toepassing van roterende compressoren, inverterregelingen en besturingen van de installatie maken de installaties steeds beter als het gaat om het energierendement. De COP-waarde wordt alleen maar hoger, het energiegebruik lager en de materialen waaruit de apparatuur wordt opgebouwd minder in gewicht en omvang. Daarnaast worden de apparaten zodanig ontworpen dat deze nadien kunnen worden gerecycled. Recycling is een steeds groter wordende noodzaak in het kader van de duurzaamheid van de apparatuur.

Kwaliteit
De kwaliteit van de installaties is een belangrijke factor als het om duurzaamheid gaat. De vervangingsgraad van de apparatuur speelt hierbij een voorname rol. Door langer met de installatie te kunnen werken wordt ook materiaal bespaard. Als dit materiaal ook nog
eens hergebruikt kan worden, dan is de cyclus rond. Die kwaliteit is ook noodzakelijk met betrekking tot de regeling, aangezien de goede werking van de apparatuur direct een vertaling geeft naar het energiegebruik. Die regeling kan individueel per installatie zijn, maar ook bij de toepassing van installaties in gebouwen waar de warmte- en koudebehoefte gelijktijdig aanwezig is. Met de VRF-systemen zijn daar goede resultaten mee te behalen. Bij de regelingen wordt ook zoveel mogelijk gestreefd naar een zo laag mogelijke condensatiedruk en een zo hoog mogelijke verdampingsdruk. De COP-waarde is hierbij zo optimaal mogelijk.

Koudemiddel en energie
De nieuwe generatie airconditioners en warmtepompen is vrijwel altijd voorzien van het koudemiddel R 410A. Het energiegebruik van deze installaties is beduidend lager dan dat van de conventionele installaties met R 407C. De fabrieksmatige bouw van de installatieonderdelen, zoals de binnen- en buitenunit, garandeert ook een kwaliteitsproduct, waardoor lekkages worden voorkomen, mits de onderdelen vakkundig op elkaar worden aangesloten. Ondanks de steeds kleiner wordende koudemiddelinhoud, bij eventuele lekkage, is de invertergeregelde installatie toch nog in staat de koude- en warmtevraag te dekken. Het is dus van belang installaties goed te installeren en te onderhouden. In Europa is het belang van controle ingezien en dienen installaties met koelvermogens >12 kW, nu en in de toekomst te worden gemonitord. Deze eis komt voort uit de EPBD (Energy Performance Buiding Directive) die ook in Nederland zal gaan gelden. Zo zullen stap voor stap steeds meer hoogwaardige installaties ontstaan in relatie met een kwalitatieve keuze voor in te zetten apparatuur. De samenwerkende leveranciers van de VERAC zullen dit proces op de voet volgen, aangezien dit ook gegevens oplevert over de toepassingen. Het gaat niet om de apparatuur alleen, maar vooral ook om de juiste keuzes van installatietoepassingen. De periodieke controle en de bevindingen die uit de monitoring naar voren komen, kunnen daarbij een goed instrument zijn.

Ten slotte
Gas- en olieverbranding voor o.a. verwarmingsdoeleinden, waarbij om en nabij de 100% rendement kan worden verkregen, zoals bij CV-ketels (HR-ketels), zullen langzaam maar zeker tot het verleden behoren. Spaarzamer omgaan met de voorraden gas en olie door slimmere (duurzame) systemen is de toekomst. De compressiewarmtepomp met rendementen die op kunnen lopen tot boven de 500% is hierbij een goed in te zetten alternatief. Er zullen steeds betere en nieuwe technieken komen die deze rendementen zullen laten toenemen. Deze zullen al dan niet in combinatie met de huidige technieken worden toegepast. Het is een kwestie van tijd en van kwaliteit.


De invloed van ventilatie op life cycle costs

Dennis Johansson - Swagon AB

Inleiding
Binnenklimaatsystemen moeten gebouwen voorzien van een goed thermisch comfort en een goede binnenluchtkwaliteit. Steeds meer onderzoeken wijzen uit dat er een significante relatie bestaat tussen de hoeveelheid ventilatielucht en gezondheid en productiviteit met betrekking tot kantoren, scholen en woningen.
De Zweedse onderzoeker Dennis Johansson heeft onderzocht of een betere binnenluchtkwaliteit van invloed is op de LCC (Life Cycle Costs) van een binnenklimaatsysteem. In dit artikel vindt u de resultaten van dit onderzoek.

Voor dit onderzoek zijn de LCC van het binnenklimaatsysteem, dat bestaat uit verwarming, koeling en ventilatie, gesimuleerd voor een theoretisch kantoorgebouw. Er werden verschillende ventilatiesystemen gesimuleerd met het computerprogramma ProLive. Dit leverde verschillende ontwerpen op voor verwarmings- en koelsystemen (Johansson, 2005). Kosten in verband met de gezondheid, die afhankelijk zijn van de luchthoeveelheid en de binnentemperatuur, werden toegevoegd aan de life cycle costs. Een hogere luchthoeveelheid of een kleiner acceptabel binnentemperatuurbereik resulteert in een duurder binnenklimaatsysteem.
Dit komt doordat zowel de life cycle costs als de initiële kosten dan hoger uitvallen. Er is geen uitgebreid literatuuronderzoek uitgevoerd met betrekking tot de invloed van de hoeveelheid ventilatielucht op de gezondheid en de kosten. Er is alleen een theoretisch gebouw gesimuleerd, een typisch cellenkantoorgebouw. Veldmetingen waren geen alternatief, omdat het moeilijk zou zijn om de life cycle costs te meten, vooral voor verschillende luchthoeveelheden. Er zijn alleen mechanische ventilatiesystemen meegenomen in het onderzoek.

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Uitfasering HCFK’s: een overzicht

Patrick Antoine - Voorzitter AFF (Association Française du Froid)

Inleiding
In dit artikel wordt beschreven hoe de Franse zusterorganisatie van de KNVvK, Association du Froid, omgaat met de uitfasering van HCFK’s.
Eerst komt de algemene regelgeving in Frankrijk aan bod. De aanpak van R22-installaties is bekend: doorgaan met het gebruik van R22, de installatie retrofitten of de installatie vervangen. De overzicht van de diverse koudemiddelen en hun eigenschappen ten opzichte van R22, zijn een goed praktisch hulpmiddel.

Het Montreal-protocol, dat werd opgesteld om de ozonlaag te beschermen, beperkt het gebruik en de productie van HCFK’s op basis van het volgende tijdschema:
- Vanaf 2000 mogen er geen HCFK’s meer worden toegepast in nieuwe installaties.
- Vanaf 2010 mogen installaties niet meer worden bijgevuld met nieuw geproduceerde HCFK’s.
- Vanaf 2015 mogen installaties ook niet meer worden bijgevuld met gerecyclede HCFK’s.
Aangezien de deadline van 2010 gestaag dichterbij komt, zullen alle chemiebedrijven waar nieuwe HCFK’s worden gemaakt, de productie van deze koudemiddelen moeten staken. Als gevolg daarvan zijn er dan alleen nog gerecyclede HCFK’s beschikbaar voor het onderhoud aan bestaande airconditioning- en koelinstallaties.

Franse regelgeving
Evenals in Nederland, zijn in Frankrijk de protocollen van Montreal (ozonlaag) en Kyoto (broeikasgassen) in de nationale regelgeving opgenomen. In Frankrijk geldt regelgeving die in mei 2007 van kracht werd. Het is echter nog maar de vraag of het terugwinnen van R22 wel voldoende koudemiddel zal opleveren om alle bestaande installaties in bedrijf te houden. De bestaande installaties in Frankrijk bevatten in totaal 25.000 ton aan R22, en door terugwinning komt 300 ton per jaar vrij. Dit betekent dat het lekkagepercentage circa 1% moet zijn om het koudemiddelverlies te kunnen compenseren via terugwinning. Het huidige lekkagepercentage is echter circa 10%. Gebruikers van installaties die met R22 werken, hebben de volgende opties:
- Doorgaan met het gebruik van R22, maar de dichtheid van de installatie beheersen door elke lekkage te minimaliseren.
- Een retrofit overwegen, zodat een ander koudemiddel kan worden toegepast.
- De installatie vervangen.

Conclusies
- Elke koudemiddel heeft zo zijn eigen specifieke kenmerken.
- Voordat men een koelinstallatie vervangt, moet er een uitgebreid onderzoek worden verricht.
- Er zijn tot op heden nog geen “universele wonder koudemiddelen” verkrijgbaar.

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Plafonconvectoren - trendy en tochtvrij

Chilled beams - a versatile solution

Gunnar Svensson - Senior Business Development Manager, Swegon AB

Inleiding
In Scandinavië wordt tegenwoordig veel gebruikgemaakt van plafondconvectoren om een aangenaam binnenklimaat te creëren.
Deze toepassing zorgt voor de gewenste temperatuur en een uitstekende luchtkwaliteit, produceert geen lawaai of tocht.

Een plafondconvector is gebaseerd op warmteoverdracht door water en lucht; het water houdt de ruimte op de gewenste temperatuur en de lucht zorgt voor een goede luchtkwaliteit. Water heeft een uitstekende warmte-inhoud en warmteoverdracht, waardoor de energiekosten bij een plafondconvector lager uitvallen dan bij de meeste andere systemen. Nog een voordeel van plafondconvectoren is dat deze geen bewegende delen bevatten en dus eenvoudig kunnen worden onderhouden. Voor het verbeteren van het binnenklimaat kan men kiezen uit heel veel verschillende systemen. De keuze voor een bepaald systeem is natuurlijk afhankelijk van het soort gebouw en van het doel waarvoor dit wordt gebruikt. Een duidelijke trend is echter dat steeds meer gebouweigenaren kiezen voor de installatie van plafondconvectoren. Er zijn twee typen plafondconvectoren: passieve en actieve plafondconvectoren. (zie afbeeldingen 1 en 2).

Passief en actief
Een passieve plafondconvector bestaat meestal uit een omkasting waarin een lamellenwarmtewisselaar is opgenomen. Koud water circuleert door de pijpen van de warmtewisselaar, waardoor de lucht tussen de lamellen kouder wordt dan de lucht in de ruimte.
Doordat de koude lucht neerdaalt, gaat de lucht uit de ruimte tussen de lamellen circuleren. Het koelvermogen is afhankelijk van het temperatuurverschil tussen de warmtewisselaar en de lucht in de ruimte. Aangezien slechts kleine hoeveelheden energie het koelvermogen moeten leveren, zijn passieve plafondconvectoren gevoelig voor warmtebronnen en voor het gebruikte luchttoevoersysteem. Het is dan ook van belang om een plafondconvector zó te plaatsen dat deze goed samenwerkt met het verwarmingssysteem van de ruimte. Dit houdt in dat de fabrikant van passieve plafondconvectoren advies moet geven over de juiste plaatsing, zodat het aangegeven koelvermogen daadwerkelijk kan worden bereikt. De beste manier om de juiste plaats te bepalen, is door de plafondconvectoren te monteren in een testkamer van een klimaatlaboratorium. Op die manier kunnen de werkelijke ruimtetemperaturen en luchtsnelheden worden gemeten.
Een actieve plafondconvector bestaat ook uit een omkasting met daarin een lamellenwarmtewisselaar, maar dan in combinatie met een ventilatietoevoersysteem. Hierdoor kan een actieve plafondunit ook worden gebruikt als luchttoevoerunit. Bij een actieve plafondconvector wordt lucht onder hoge druk en met een bepaalde snelheid via een aantal nozzles in de ruimte geïnjecteerd. Mede door de startsnelheid en druk van de primaire lucht wordt een grote hoeveelheid secundaire lucht in beweging gebracht. Zo wordt een totaal ruimteklimaat opgebouwd. De lucht in de ruimte wordt als het ware geïnduceerd, waarna de druk weer overal gelijk wordt. Deze luchtinductie ontstaat doordat er rondom de nozzles een onderdruk wordt opgebouwd als de lucht eruitstroomt. Hierdoor ontstaat een tekort aan lucht. Dit tekort wordt aangevuld met lucht uit de ruimte; men zegt dan dat de lucht uit de ruimte is geïnduceerd.
Een actieve plafondconvector bevat een luchttoevoerunit en heeft daardoor een veel constantere en grotere drijfkracht dan een passieve plafondconvector. Hierdoor is het actieve systeem veel minder plaatsgevoelig. Een actieve plafondconvector geeft altijd de gewenste afkoeling, waar men deze ook plaatst in de ruimte.
Plafondconvectoren werken volgens het principe van “mixed flow”-ventilatie, waarbij lucht met een relatief hoge snelheid in de te behandelen ruimte wordt gebracht.
Plafondconvectoren kunnen op verschillende manieren worden geïnstalleerd. Elke installatiemethode heeft zo zijn eigen voordelen en beperkingen. Op basis van de afmetingen en de inrichting van de ruimte en de situering van de warmtebronnen, kunnen de luchtuitstroomrichtingen worden ingesteld, waardoor verschillende luchtstromingspatronen worden gecreëerd.
De keuze voor een bepaalde installatiemethode is afhankelijk van diverse factoren, zoals de indeling van het gebouw, het doel waarvoor dit wordt gebruikt en de eisen met betrekking tot flexibiliteit. Hierna volgt een beschrijving van de meest gangbare installatiemethoden voor plafondconvectoren.

Samenvatting
Plafondconvectoren zorgen voor een aangenaam en comfortabel binnenklimaat indien de selectie en de situering ervan in de te conditioneren ruimten zorgvuldig wordt uitgevoerd. Tochtverschijnselen moeten echter altijd worden voorkomen. Computerprogramma’s voor het berekenen van het benodigde koel- en verwarmingsvermogen zijn hierbij een uitstekend hulpmiddel. Voor grote en complexe projecten wordt vaak gebruikgemaakt van CFD-simulatieprogramma’s om de luchtstromen, de luchtsnelheid en de temperaturen van tevoren te kunnen voorspellen. Plafondconvectoren kunnen ook bij open kantoren flexibel worden toegepast. Ze kunnen voor alle toepassingen gemakkelijk worden gemonteerd, zijn onderhoudsvriendelijk en zorgen tevens voor een hoge mate van energie-efficiency.

Summary
When carefully selected and correctly placed in the rooms to be conditioned, chilled beams provide a comfortable indoor climate. However, draught should always be avoided.
Computer programs for calculating the required cooling and heating capacity are very useful. CFD simulation is often used for large and complicated projects in order to predict the air currents, air speeds and room temperatures. Chilled beams can flexibly be applied in open offices. Furthermore, they can easily be installed and serviced, and are very energy efficient.

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


KX6: Een slim, hoogwaardig en efficiënt VRF-systeem voor kantoren, winkelcentra en hotels

Erik Numan - Sales engineer, Coolmark B.V.

Inleiding
Er bestaat geen twijfel over dat het verbruik van fossiele brandstoffen voor het genereren van elektriciteit heeft geleid tot een klimaatverandering. Europa wil voorop lopen in de strijd tegen het energiegebruik en de daaraan gekoppelde CO2 uitstoot. De overheid, installatiebedrijven en opdrachtgevers worden zich hierdoor steeds bewuster van het feit dat energiezuinige installaties toegepast moeten worden. Het is daarom, meer dan ooit, van belang dat iedere fabrikant streeft naar het behalen van maximale efficiency van hun elektrische producten om aan deze eis tegemoet te komen. De implementatie van Inverter technologie in producten zoals airconditioning heeft de afgelopen 10 jaar bezorgd voor een drastische reductie van het energiegebruik.

Op dit moment zijn airconditioning fabrikanten in staat om zeer energiezuinige “variabele koudemiddelstroomsystemen”, afgekort VRF-systemen te leveren. Deze systemen zijn onder te verdelen in 2-pijps warmtepompsystemen en 3-pijps systemen met warmteterugwinning. Een goed voorbeeld is het KX(R)-systeem van Mitsubishi Heavy Industries. KX6 en KXR6 multi-inverter systemen Het KX(R)6-systeem van Mitsubishi Heavy Industries is de opvolger van het KX(R)4-systeem. Deze systemen onderscheiden zich al door compactheid, energiezuinigheid en technologisch hoogstaande besturingstechnieken. In het KX(R)6- ysteem zijn deze kenmerken nog verder verfijnd. Met de KX6-systemen kan worden gekoeld of worden verwarmden met de KXR6-systemen kan worden gekoeld en worden verwarmd.
De KX6-systemen zorgen voor een optimaal binnenklimaat bij een hoog behaaglijkheidgevoel. Ze zijn fluisterstil, werken zonder tocht en onnodige verspreiding van stof en bacteriën. De eigenschappen op een rij:
- Energiezuinig door zeer hoge COP en FER waarden, waardoor de systemen in aanmerking
komen voor de Energie-investeringsaftrek (EIA regeling);
- Flexibele installatie door uitgebreide mogelijkheden leidingwerk;
- Nauwkeurige DC inventer compressor regeling: Laag geluidniveau (nachtverlaging mogelijk); Eenvoudig te installeren; Betere servicemogelijkheden;
- Zeer hoge betrouwbaarheid door toepassing van onder meer dubbele inverter gestuurde compressoren;
- De systemen hebben een werkbereik in koelbedrijf van -15 ̊C. tot 43 ̊C. en in verwarmingsbedrijf van -20 ̊C. tot + 15,5 ̊C. buiten temperatuur.

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Cooling wordt “hot” in Nederland

Nick Meuwese - commercieel directeur Alklima B.V.

Inleiding
Sinds zes jaar organiseert Alklima B.V., de Nederlandse importeur van Mitsuhishi Electric Airconditioning, de Product Introductie Dagen in het jaar dat er geen VSK beurs is. Tijdens deze zogenaamde PID-dagen wordt aandacht besteed aan nieuwe producten, technieken en marktontwikkelingen. De installateur wordt op deze manier op de hoogte gesteld van allerlei nieuwe ontwikkelingen in de markt. Dit jaar wordt er veel aandacht besteed aan nieuwe vindingen op het gebied van verwarmingstechnologie.

Mitsubishi Electric is al jarenlang een toonaangevende fabrikant op het gebied van airconditioning.
Veel mensen associëren airconditioning met koeling, hoewel de letterlijke vertaling “luchtconditionering” is. Al meer dan 14 jaar worden de City Multi R2 VRF systemen van Mitsubishi Electric ingezet als hoofdverwarmingssystemen die ook kunnen koelen. Toch heeft Alklima ervoor gekozen om de naam Mitsubishi Electric Airconditioning om te zetten naar Mitsubishi Electric Cooling and Heating. De reden hiervoor is de introductie van nieuwe verwarmingsproducten die gebruikmaken van water als warmteafgiftemedium.

ZubaDan-warmtepomptechnologie
Op de VSK 2008 werd een nieuwe revolutionaire techniek geïntroduceerd: ZubaDan. Een normale buitenluchtgekoelde condensor zal minder verwarmend vermogen leveren naarmate de temperatuur van de buitenlucht daalt. Bij -10 ̊C. zal nog 70% vermogen beschikbaar zijn ten opzichte van de EuroVent-norm +7 ̊C. De reden voor deze capaciteitsvermindering is dat de heetgastemperatuur (de koudemiddeltemperatuur vlak na de compressor) te hoog oploopt.
Als gevolg van de lage buitentemperatuur ontstaat namelijk een lage verdampingsdruk en -temperatuur in het buitendeel. De warmteafgiftetemperatuur binnen moet voldoende hoog zijn om bruikbare warmte te leveren, en dat geldt ook voor de condensortemperatuur en -druk. Uit een Log P-h diagram is dan ook af te lezen dat de eindpersgastemperatuur boven de 100̊C zal uitkomen. Ter bescherming van deze hoge persgastemperatuur zal de toerengeregelde compressor (inverter) gaan aftoeren, en dat leidt tot een capaciteits vermindering.
Mitsubishi Electric heeft een techniek ontwikkeld waarbij (tot een buitentemperatuur van -15 ̊C.) geen capaciteitsvermindering optreedt, en waarmee een condensatietemperatuur van meer dan 60 ̊C. kan worden bereikt. Deze techniek, “ZubaDan” genoemd, ontleent zijn naam uit het Japans en staat voor “superheater”.
In de ZubaDan-techniek wordt een mengsel van vloeistof en gas (flash gas) direct in de kop van de compressor gespoten. Hierdoor wordt het heetgas halverwege de compressieslag als het ware teruggekoeld. Uiteindelijk wordt nu wel de gewenste hoge condensatietemperatuur bereikt, maar ontbreekt de te hoge heetgastemperatuur. In een Log P-h diagram lijkt dit geheel erg op een tweetraps compressiesysteem.

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


De R22-uitfasering volgens Carrier

Peter Vermeule - Service Director Carrier Nederland B.V.

Inleiding
“Met 2010 in zicht bereiken ons steeds meer vragen uit de markt over de do’s en don’ts met betrekking tot de R22-uitfasering. De vraag is dan ook hoe wij als fabrikant/leverancier hier een passend antwoord op kunnen geven, zoveel richting installateur als richting gebruiker”, aldus Peter Vermeule, Service Director van de divisie Airconditioning bij Carrier Nederland B.V. Carrier heeft al in 2006 de zogenaamde Quick Chiller Scan ontwikkeld. Dit is een conditiebepaling van de koelmachine met bijbehorend advies, als voorloper op de R22-uitfaseringsstrategie.

HCFK-22 (oftewel R-22) is een koudemiddel dat veel is toegepast in allerlei koelinstallaties. Dit koudemiddel is breed inzetbaar; we zien het terug in onder andere stationaire airconditioningsinstallaties, in gemiddelde en lage temperatuur commerciële koeling en als koudemiddel in koel- en vriesinstallaties. Omwille van de brede inzetbaarheid is R-22 in Nederland het meest toegepaste koudemiddel. Dat betekent dat er in Nederland in diverse marktsegmenten ook nu nog behoorlijk veel koelinstallaties draaien op R-22.

Regels en begrippen
Het EU-besluit 2037/2000, voortvloeiend uit het protocol van Montreal, schrijft voor dat HCFK houdende gassen (zoals R-22) op termijn niet meer gebruikt mogen worden. Concreet zijn de regels als volgt:
1) Met ingang van 1 januari 2010 mogen bestaande HCFK-installaties alleen nog maar worden bijgevuld met geregenereerde of gerecyclede HCFK’s.
2) Met ingang van 1 januari 2015 mogen HCFK’s helemaal niet meer worden gebruikt voor service- en onderhoudswerkzaamheden.
Wat is nu precies het verschil tussen nieuw, gerecycled en geregenereerd R-22? Nieuw R-22, ook wel “virgin” R-22 genoemd, is geheel nieuw geproduceerd R-22. Gerecycled R-22 houdt in dat dit koudemiddel een eenvoudig reinigingsproces heeft ondergaan. Geregenereerd R-22 is gebruikt R-22, waarvan de eigenschappen (via een bewerkingsproces) worden opgewaardeerd totdat deze voldoen aan de specificaties van nieuw koudemiddel.

Klik hier voor het complete artikel in PDF formaat


Van de redactie

Een nieuwe lente

De afgelopen weken mochten we ook in Nederland genieten van de ontluikende lente. We zijn weer buiten, werken wat in onze tuin, wandelen door het park of bos, zitten op terrasjes. Het is nog aangenaam, met een prettig lentebriesje, niet te warm. Nu ja, de auto kan al aardig benauwd worden, maar dat is zo verholpen met de airconditioning...
Want dat valt al bijna niet meer op: auto’s hebben bijna standaard airconditioning. Met de comfortkoeling in de huizen en kantoren in Nederland is het nog aanzienlijk minder gesteld. Maar er is natuurlijk geen twijfel over dat klimaatbeheersing in de toekomst op grote schaal in alle Nederlandse gebouwen zal worden toegepast. Airconditioning zal eenvoudigweg de keerzijde van de verwarmingsmedaille in Nederlandse huizen zijn. Samen met een betere ventilatie, die voor de gezondheid van de bewoners van huizen en gebruikers van kantoren een absolute eisen is, zal de klimaattechnologie in Nederland aanzienlijk in belang toenemen. Die ontwikkeling zal meer energie gaan gebruiken, tenzij... Tenzij de Nederlandse koudetechnische en luchtbehandelingsindustrie samen met de warmte- en koudetechnische installatiebranche aan de slag kunnen om op grote schaal nieuwe, innovatieve projecten uit te voeren. Meer airconditioningcomfort en energiebesparing kunnen hand in hand gaan als nieuwe systemen grootschalig kunnen worden toegepast. De overheid kan in zijn eigen gebouwen, in scholen, in zorginstellingen een belangrijke stimulerende rol spelen. Woningbouwcorporaties kunnen energiezuinig koelen en verwarmen bevorderen door hieraan bij renovatie en nieuwbouw een hogere prioriteit te geven. Laat de nieuwe lente in het recessiejaar 2009 wat dat betreft nu eens echt een nieuw geluid opleveren.

Ruud Bakker - Hoofdredacteur RCC Koude en Luchtbehandeling

 
     
     
 
     
 

KNVvK
bezoekersadres:
Zandlaan 29
6717 LN  Ede
tel.: +31(0318) 697 198
fax: +31(0318) 697 199

correspondentie:
postbus 32
6710 BA  Ede
e-mail:  info@knvvk.nl

Lid worden?
klik hier