Samenvattingen artikelen Koude & Luchtbehandeling terug

April 1999

Luchthaven project

Inleiding
In 1998 was de officiële opening van de luchthaven van Hong Kong.

Alle ventilatoren in het luchthavengebouw zijn van het fabrikaat Imofa. Ze maken onderdeel uit van een omvangrijk project, dat onder de strengste normen is uitgevoerd. De luchthaven van Hong Kong is de grootste ter wereld. Het luchthavengebouw meet 55.000 m2.

Het gedetailleerde ontwerp van het gebouw is uitgevoerd door het Mott consortium. De inschrijving op dit project gold destijds voor zowel de mechanische, elektrische, hydraulische als brandweervoorzieningen; één inschrijvingspakket dus met een geraamde waarde van bijna $ 260 miljoen, met slechts 21 maanden tijd voor de volledige installatie en in bedrijfneming.

Na een beoordelingsperiode van twee maanden wees de luchthavendirectie die opdracht toe aan de jount venture AEH (Aster Associate Termoipianni, Milaan, Ellis Mechanical Services, London en Hsin Chong Aster, Hong Kong).


Prijsverhoging HFK’s

Inleiding
ICE Klea verwacht dat door de toegenomen vraag naar HFK’s deze zomer reeds de markt met een tekort aan producten te maken zal krijgen. Dit is ook de reden dat de “spot prijs”voor bulkladingen KLEA 134a tot £ 3.45/Kg (Euro 5,00) opgelopen is. Deze actie heeft ICI Klea begin maart al moeten nemen. Gedurende de laatste 2 jaar is wereldwijd het gebruik met HFK’s met gemiddeld 10 tot 15% per jaar gestegen. De huidige wereldwijde productiecapaciteit komt ongeveer met de marktvraag. Echter door sterke seizoensinvloeden heeft de markt reeds vorige zomer met tekorten te kampen gehad. De wereldvraag naar HFK’s blijft de komende jaren stijgen doorgroeien. Hierdoor zal deze zomer en zeker ook de komende jaren een significant tekort aan producten zijn.


Bewaring en transport van levende producten

Storage and transport of living products

Dr. P.C. Sijmons - Institute for Agretechnological Research (ATO-DLO) - Wageningen

Inleiding
Een reeks producten bereikt de consument in levende staat: verse groentes, fruit, bloemen en planten. Allemaal producten die hun optimale kwaliteit (rijpheid, smaak, bloei) juist aan het eind van de transportketen moeten hebben, terwijl zij vanaf het moment van oogst meestal onherroepelijk een stervensfase ingaan. Deze tegengestelde producteisen kunnen alleen verwezenlijkt worden als de omgevingscondities zoveel mogelijk rekening houden met de specifieke rijpings- en verouderingsprocessen.
Een levend product heeft ook na de oogst een paar kenmerkende eigenschappen:
- het ademt (verbruikt zuurstof en geeft kooldioxide af);
- het produceert warmte (een vrachtwagen met 50 ton gezonde aardappelen lever bijvoorbeeld bij 5 ºC. al een warmte van 0,5 kW. Bij beschadigde aardappels kan dit oplopen tot 3 kW, en bij een hogere producttemperatuur zelfs tot 15 kW);
- het veroudert en rijpt.
In alle rijke delen van de wereld neemt de vraag toe naar kwalitatief goed verse producten. De veeleisende consument verwacht vrijwel jaarrond een breed scala aan groente en fruit in de supermarkt te vinden. Dit leidt tot steeds grotere handelsstromen waarbij de transportcondities en snelle logistiek nauw luisteren. In dit artikel zullen recente ontwikkelingen op het gebied van transportcondities worden beschreven.

Summary
The world-wide demand for fresh produce continues to increase. Both in variety and year-round availability, the consumer expects a high quality product that lasts for a substantial amount of time. Since fresh produce are living organisms that enter an irreversible route to decay from the moment they are harvested, a high degree of technology is necessary to provide the consumer with an acceptable quality. This article (in Dutch) lists the most important control parameters (temperature, relative humidity, gas conditions) for optimal storage and transport. For all these aspects, both the state-of-the-art and the upcoming technological innovations are described that will affect the handling conditions in the near future. Examples range from dynamic control systems based on life produce data to the impact of biotechnology on the transport sector.
The competition for storage and transport of fresh produce will no longer focus on cheap services for cooling and handling, but will be won by those who can guarantee optimal conditions and maximum quality control in the cool chain from harvest to consumer.

Conclusie
Onder druk van toenemende consumenteneisen en een toenemende concurrentie op kwaliteitsaspecten van verse producten, blijft er vraag naar voortdurende technologische vernieuwingen die binnen economische randvoorwaarden een steeds verser, betrouwbaarder en veiliger product bij de consumenten kunnen afleveren. Of dit nu gaat om een exotische vrucht van de andere kant van de wereld, of een biologische geteelde sla uit de regio, de transportcondities moeten zodanig zijn dat aan de kwaliteitseisen kan worden voldaan. Het is niet meer voldoende om zo goedkoop mogelijk “kubieke meters gekoeld te verplaatsen”, de concurrentieslag wordt gewonnen door diegene die zo nauwkeurig mogelijk, en aantoonbaar, productkwaliteit kan behouden tijdens opslag, transport en overslag.
De extra kosten die dit met zich meebrengt zullen uiteraard verdiend moeten kunnen worden maar de consument is meer en meer bereid een prijs te betalen voor een uitmuntende productkwaliteit.
Dit vertaalt zich in een visueel aantrekkelijk product met een betere houdbaarheid, een juist rijpheid, een goede smaak, geen beschadigingen enzovoort.
Uiteindelijk is de hele keten daarmee gebaat.


De bewerking van groente en fruit die gekoeld bewaard wordt

The processing of cooled ready-to-use and prepared fruits and vegetables

Ir. E.P.H.M. Schijvens - ATO-DLO - Wageningen

Inleiding
Groente en fruit wordt in toenemende mate aangeboden in de vorm van min of meer kant en klaar product. De ondernemingen in de afzetketen van groente en fruit zullen steeds meer bewerkingen uitvoeren. Zo zullen ook exploitanten van koel- en vrieshuizen in toenemende mate bewerkt product aanbieden. Wat de samenhang van de diverse bewerkingen en de consequenties ervan zijn, is schematisch weergegeven in Fig. 1.
Fig. 1 geeft een overzicht van de samenhang tussen de bewerking en de mate van beschadiging, de verpakking, het koelen, de houdbaarheid van het product en de toegevoegde waarde aan de grondstof. Per hoofdgroep van bewerkingen wordt gepresenteerd wat de schade is die wordt aangericht, wat het effect daarvan is en welke maatregelen genomen moeten worden om de schade te beperken.

Samenvatting
Door de groei van gemaksvoedsel, vindt er bij onder ander koel- en vrieshuisexploitanten een verschuiving plaats van uitsluitend bewaren van groente en fruit naar het meer bewerken ervan.
Door de extra bewerking wordt niet alleen een meerwaarde toegevoegd, maar ook schade toegebracht. Het gevolg hiervan is dat de houdbaarheid afneemt en extra maatregelen nodig zijn om de effecten van de schade te beperken.
In deze presentatie wordt per productgroep de maatregelen behandeld die nodig zijn om de nadelige effecten te beperken.

Weinig bewerkingen betekent weinig schade en daarmee langere houdbaarheid. Schonen van groente en fruit verhoogt de schade waardoor de houdbaarheid korter wordt. De verpakking mot de effecten van de schade zo veel mogelijk beperken.
Voor geschilde en gesneden groente en fruit is een zorgvuldige processing noodzakelijk en verpakken met gedefinieerde materialen een vereiste.
Gekookte of geblancheerde groente is microbiologisch kwetsbaar. Daarom zijn speciale voorzieningen bij de productie nodig, moeten strenge eisen aan de hygiëne worden gesteld en moet, om het product houdbaar te maken, gepasteuriseerd of diepgevroren worden.

Summary
The consumption of prepared ready to use fruit and vegetables is rapidly increasing, with the result that there is a shift in the activity of store operations, from mainly frozen and refrigerated storage to pre-processing operations, so that product with higher added value can be obtained. Unprocessed product has a relatively long storage life and in principle does not need packaging.
When cleaning forms part of the process before packaging, some product damage can occur with the consequent potential lowering of shelf life. Cut product needs good cutting devices, washing, dewatering and packaging before refrigeration.
Cooked and blanched goods are susceptible to microbiological spoilage and require to be pasteurized or deep frozen, with particular attention paid to stringent hygiene codes of practise.

Conclusies
Gaande van “onbewerkte” tot “gekookte of geblancheerde” groente en fruit, blijkt dat de maatregelen die moeten worden genomen om de effecten van de schade te beperken, steeds omvangrijker zijn.
Voor het onbewerkte product is het aanbrengen van verhoogd CO2 en verlaagd O2 de belangrijkste maatregel.
Bij “voorverpakte groente” veroorzaken het schonen en de verpakkingshandelingen schade.
De verpakking is echter ook een belangrijke maatregel tegen de gevolgen van de beschadigingen.
Bij “geschild en gesneden” groente is een scala aan maatregelen nodig om de nadelige effecten te beperken.
Scherpe messen, wassen, drogen, verpakken, gascondities gecombineerd met toegepast verpakkingsmateriaal en zorg voor hygiëne zijn de maatregelen om de effecten van schade voor deze producten te beperken.
Gekookte of geblancheerde groente vereist speciale maatregelen tegen microbieel bederf: zoals pasteuriseren voor gekoeld bewaard product of diepvriezen.
Voor het pasteuriseren of diepvriezen zijn speciale voorzieningen vereist.
Hoe intensiever de bewerkingen worden, hoe belangrijker het is daar speciale voorzieningen en gespecialiseerde deskundigheid voor te hebben.


Producteigenschappen in de koude- en levensmiddelentechnologie

Product properties in the refrigeration and food technology

Gerard van Beek - ATO-DLO - Wageningen

Inleiding
Niet alleen bij de consument, maar ook in de koude-industrie worden kwaliteitsrisico’s door de combinatie van koel- en vriesprocessen met fysiologische en microbiologische processen bij opslag, overslag en vervoer, onvoldoende onderkend. Door een strikt monodisciplinaire benadering vanuit de betrokken wetenschappen blijven mogelijkheden voor kwaliteitsverbetering door verbeterde procesbeheersing ongebruikt. Door eenzijdige benaderingen van risicoproblemen worden kwaliteitsrisico’s foutief ingeschat en dreigen richtlijnen ongeloofwaardig te worden. De uitwisseling van ervaringen en de ontwikkeling van een integrale visie op de risico’s van processen, worden nodeloos gehinderd. Kennis van de betrokken producteigenschappen en hun fysiologische en microbiologische achtergronden, is noodzakelijk voor een realistische kwantificatie van risico’s in voedselverwerkings- en voedselvoorzieningsketens.

Samenvatting
Producteigenschappen zijn belangrijke gegevens voor het ontwerpen en het sturen van processen in de levensmiddelindustrie. Thermische en fysiologische eigenschappen zijn bepalend voor koel- en vriesprocessen in opslag, overslag en vervoer. Bij de risicoanalyse van thermische behandelingen, fysiologische en microbiologische processen in de voedselverwerking- en voorzieningsketens speelt de combinatie van producteigenschappen een grote rol. Het opsporen van de relevante eigenschappen vereist nog veel vindingrijkheid en improvisatie.

Summary
Knowledge of product properties are important data for design and control of processes in the food industry. Thermal and physiological properties govern the chilling and freezing processes in storage, trans-shipment and carriage of foodstuffs. In risk analysis of thermal treatments, physiological and microbial processes in food processing and supply chains and their combination of product properties, plays a major role. Tracing of relevant product properties requires still much ingenuity and improvisation.

Conclusie
De bekendheid met thermische, fysiologische en microbiologische eigenschappen van voedingsmiddelen, alsmede kennis van basisrisico’s, zijn voorwaarde voor het juist ontwerpen en sturen van processen in de voedselverwerkings- en voorzieningsketens. Door het samenvoegen van bestaande monodisciplinaire tot multidisciplinaire databanken is een terreindekkend informatiesysteem in te richten voor de Koude- en Levensmiddelentechnologie. Financiële en andere copyright belemmeringen moeten hiervoor echter uit de weg worden geruimd.


Jaarverslag NVvK 1998

In het verslagjaar kwam het Algemeenbestuur vier maal en het Dagelijksbestuur meerdere malen bijeen.

Jaarvergadering en themadagen.

5 februari

"Indirecte systemen" met een excursie naar Inham Refrigeration B.V. te Dordrecht
Lokatie: Postiljon Hotel, Dordrecht.
Aantal deelnemers: 114.

De CFK-wetgeving en het toenemende gebruik van ammoniak en koolwaterstoffen heeft geleid tot een grote belangstelling voor de toepassing van indirecte koudesystemen. Een voorbeeld hiervan is het gebruik van ijs-slurrie, kleine ijskristallen in een oplossing van water. Een ijs-slurrie producerende installatie kon worden bezichtigd tijdens de excursie.

14 mei

"Dag van de Koude" en Jaarvergadering
Locatie: TNO Milieu, Energie en procesinnovatie te Apeldoorn.
Aantal deelnemers: 61.

Evenals de voorgaande jaren bestond de vergadering uit twee gedeelten. Het besloten gedeelte behandelde de huishoudelijke zaken, het openbare gedeelte had een meer algemeen karakter en werd ook bijgewoond door niet-leden. De inleiding tijdens dit openbare gedeelte ging over het NMP3. Oorspronkelijk zou deze worden gehouden door Ir. W.J.M. Sprong (VROM), maar die moest helaas wegens ziekte verstek laten gaan. Zijn taak werd op voortreffelijke wijze waargenomen door zijn collega, Ing. C.M. Moons

14 oktober

De op 16 juni geplande themamiddag met mini-beurs "koudetechniek en Regeltechniek: Huwelijk of LAT-relatie?" werd verplaatst naar 14 oktober. De oorspronkelijk gekozen datum in juni bleek geen goede keuze. In verband hiermee werd de themamiddag verplaatst.
Locatie: Orpheus Congrescentrum Apeldoorn.
Aantal deelnemers: 90.

Het vak regeltechniek is de afgelopen decennia razendsnel geëvolueerd onder invloed van de ontwikkeling op het gebied van computer hard- en software en sensoren. De koudetechniek heeft moeite om deze ontwikkelingen bij te houden. Deze dag had als doel de twee werelden bij elkaar te brengen en te identificeren waar de kansen en mogelijkheden liggen.

17 november

Themadag met mini-beurs "Wat komt er na R22?"
Locatie: Orpheus Congrescentrum Apeldoorn.
Aantal deelnemers: 155.

Een dag georganiseerd naar aanleiding van het op korte termijn verbieden van de toepassing van R22 in nieuwe installaties. Een maatregel met verstrekkende gevolgen. Het is een gigantische opgave om op een zeer korte termijn alternatieven te vinden, zonder dat de gehele koudetechniek hierbij ontwricht raakt. Geen van de nu beschikbare alternatieven kan worden gezien als het ideale alternatief. Deze dag was er op gericht om de deelnemers te informeren over de feiten, de toekomstige ontwikkelingen en te discussiëren over de gevolgen en de te nemen acties.

Koudemiddelen

Ammoniak

Vanwege de toenemende belangstelling voor de toepassing van NH3 als koudemiddel, kwam de NVvK destijds met het voorstel de bestaande CPR 13 te herzien.
Dit heeft geresulteerd in de richtlijnen CPR 13-1 (Transport en opslag) en CPR 13-2 (koel-, vries- en A.C.-installaties).
Beiden hebben tot 1 november 1998 ter visie gelegen. Het hierop binnen gekomen commentaar wordt momenteel verwerkt en in commissieverband besproken. Naar verwachting zullen de definitieve versies in de zomer van 1999 worden gepubliceerd via de SDU.

De begeleidingscommissie van de NVvK-Erkenningsregeling "Keuringsinstanties voor ammoniak-koelinstallaties" kwam in 1998 gezamenlijk met de keurende instanties, éénmaal bijeen.
Uit dit overleg kwam naar voren dat er behoefte is aan procedure-afspraken m.b.t. keuringen.
Begin 1999 zullen de vier keurende instanties na onderling overleg met voorstellen komen. Zij zullen deze daarna ook strikt naleven.

Brandbare Koudemiddelen

Het NVvK-initiatief tot een Nederlandse Praktijk Richtlijn (NPR) voor de toepassing van Natuurlijke Koudemiddelen in Koelinstallaties en Warmtepompen (veiligheidsaspecten met betrekking tot brandbaarheid). Het tekstvoorstel is gereed en zal worden aangeboden aan de NNI (Normcommissie 341094 betreffende Koelinstallaties en Warmtepompen).
De NVvK nam de secretariaatskosten voor haar rekening en participeerde in de kosten van een kwantitatieve risico analyse (QRA). Dit betekent dat bij de kwantificering van het risico zowel de waarschijnlijkheid van het optreden van een ongewenste gebeurtenis als de gevolgen van die gebeurtenis moeten worden beschouwd. De ervaringen met dit onderzoek zijn gebruikt bij het tot stand komen van de NPR.

Koude & Luchtbehandeling

"Koude & Luchtbehandeling" (K&L) wordt uitgegeven door Standex B.V. De NVvK is eigenaar van de titel.
Met ingang van 1998 is een nieuwe overeenkomst tussen uitgeverij Standex en de NVvK van kracht. Middels deze overeenkomst is er een evenwicht ontstaan tussen de verenigingsactiviteiten ten behoeve van K&L en de door Standex aan de NVvK betaalde vergoeding.

Praktijkboek

In 1998 verscheen deel twee van het Praktijkboek voor de Koudetechniek. Dit boek was toen op 20% na gereed. Begin 1999 zal het geheel gecompleteerd zijn.
De uitgeverij zal aan de bezitters van het Praktijkboek, in de tweede helft van 1999 nog een herzien adressenbestand sturen.
Het bestuur hecht ook na deze herziening veel belang aan regelmatige activering en aanvullingen. Dit voor zowel het adressenbestand als de in de beide boeken opgenomen andere gegevens.
Na het verschijnen van het herziene adressenbestand zal hiertoe aan alle Praktijkboek-bezitters een abonnement worden aangeboden voor te verschijnen aanvullingen en wijzigingen.

Diverse activiteiten

Beurzen

In februari '98 werd deelgenomen aan de VSK.98 (Internationale vakbeurs voor Verwarming, Sanitair en klimaatbeheersing.
In april '98 gevolgd door - samen met het Van Hall Instituut - deelname aan de Machevo.98. De deelname aan de VSK bleek zinvol, deelname aan de Machevo liep uit op een teleurstelling. Het bestuur heeft daarom besloten voortaan de deelname aan beurzen te beperken tot de NVKL en VSK.
Om de vereniging waar nodig beter naar voren te brengen is in het verslagjaar een portable achterwand gekocht.
Deze werd in het verslagjaar tijdens meerdere evenementen gebruikt en voldoet aan de verwachtingen.

NVKL

In 1998 vondt er halfjaarlijks overleg plaats tussen de Dagelijkse besturen van de NVvK en de NVKL. Ook in 1999 zal dit overleg worden voortgezet.

Representaties/lidmaatschappen

International Institute of Refrigeration (IIR)

Prof. H. van der Ree vertegenwoordigde ons land in de vergaderingen van het Management Committee en Executive Committee; R.J.M. van Gerwen is als president van de Commissie D 2.3 (Refrigerated Transports) lid van het Scientific Council, dat eenmaal per jaar vergadert.
Onder auspiciën van het IIR zijn er weer vele technische/wetenschappelijke bijeenkomsten georganiseerd in alle delen van de wereld.

Op 2 april '98 vond bij de TU-Delft een bijeenkomst plaats waar met de heer F. Billard van het IIR werd gesproken over de toekomstige koers van de IIR. Het was een vruchtbare en positieve bijeenkomst die flink wat suggesties heeft opgeleverd.

Wereldcongres

Het twintigste wereldcongres te Sydney-Australië in september 1999, nadert met rasse schreden. Het NVvK-bureau zal in overleg met een in aanmerking komende reisorganisatie, proberen een individueel en/of gezamenlijk reisprogramma op te stellen.

Federation of European Refrigeration Association (FERA)

De FERA is een platform voor een jaarlijkse ontmoeting.

International Institute of Ammonia Refrigeration (IIAR)

De NVvK is lid van het IIAR, een overwegend door Amerikanen gedomineerd instituut dat NH3 als koudemiddel propageert.
Het IIAR houdt jaarlijks een congres met beurs in de VS. In 1998 was Ing. J.E. Duiven namens de NVvK op dit congres aanwezig. De in 1998 gehouden proceedings zijn in K&L verkort opgenomen. Hiervoor was veel belangstelling.

Platform Natuurlijke Koudemiddelen (PlaNK)

Het doel van PLaNK is om een platform te vormen voor kennisuitwisseling en gezamenlijke activiteiten op het gebied van de natuurlijke koudemiddelen.
Dit heeft o.m. geleid tot de themadag "Wat komt er na R22?"
en het opstellen van een NPR betreffende de veligheidsaspecten met betrekking tot de brandbaarheid van sommige natuurlijke koudemiddelen.
Ook in 1998 kwam het Platform enige malen bijeen.

Nederlandse Technische Vereniging voor Installaties in Gebouwen (TVVL).

Prof. H. Van der Ree en P.G.H. Uges vertegenwoordigen de NVvK bij de organisatie van gezamenlijke themadagen. Ook wordt er in voorkomende gevallen samengewerkt tussen K&L en TVVL-magazine.

Bestuur

Naam

Jaar van aftreden

Herkiesbaar

Prof. ir. R.W.J. Kouffeld,
Voorzitter

2001

Wel

Ir. B. van den Hoogen
Secr./Penningmeester

2001

Wel

Ir. R.J.M. van Gerwen
Vice voorzitter

1999

Niet

Ir. A.van den Boogaart

1999

Niet

Ir. L.B. van Boxtel

2000

Niet

R. den Hartog

2000

Wel

Ir. G.J. Koster

2000

Niet

L.A. Kraakman

2000

Niet

Ir. M.M. van Rooij

1999

Niet

M. Vos

2000

Wel

Ir. B.J. Hollander

2000

Niet

Adviseurs

 

 

Prof. ir. H. van der Ree

2001

Wel

Ir. L.M. Hamaker

1999

Wel

Ir. P.C. Moerman

1999

Wel

Hoofd NVvK-bureau

P.G.H.Uges.

Ledenbestand

Aantal leden aan het eind van het jaar                  

 

Per 31/12

Persoonlijkeleden

Bedrijfsbegunstigers

Bijzonder leden

Ereleden

Totaal

1996

245

247

58

2

552

1997

251

236

54

2

543

1998

252

234

22

2

510


Terugblik NVKL ‘99

Inleiding
Ruim 5500 bezoekers bezochten de 8ste NVKL. Toeleveringsvakbeurs en werden welkom geheten door ruim 100 exposanten die hun producten en diensten toonden. Naast het reguliere exposantenaanbod konden de bezoekers getuige zijn van een aantal boeiende extra’s.
De beursorganisatie was in handen van Made bij Matrix Consult & Design, Postbus 7939, 5605 SH Eindhoven; tel.: 040-2573515, fax: 040-2524542.

De 8e toeleveringsvakbeurs voor de koudetechniek, luchtbehandeling en airconditioning, de NVKL ‘99 vond plaats van donderdag 18 maart t/m zaterdag 20 maart 1999.

Op de eerste dag tekende de voorzitters van de brancheorganisaties MACO (Mobiele Airconditioning), NKI (Nederlandse Koeltechische Industrie), VLA (Vereniging Luchttechnische Apparaten) en de NVKL (Nederlandse Vereniging van Ondernemingen op het gebied van de Koudetechniek en Luchtbehandeling) tijdens een ontbijtsessie in AHOY’ voorafgaande aan de officiële opening van de NVKL ‘99 een intentieverklaring. De vier verenigingen hebben afgesproken dat zij gaan proberen om een (verdere) samenwerking vorm te geven. Zij gaan bekijken welke werkvelden van gemeenschappelijk belang zijn en op welke manier daarbij het beste kan worden samen gewerkt. Doelstelling is dan: grotere kwaliteit, krachtiger posities en lagere kosten.


Procedure-afspraken m.b.t. keuringen van ammoniak-koelinstallaties en warmtepompen overeenkomstig CPR 13-2, derde druk *

Inleiding
De door de NVvK erkende keuringsinstanties hebben onder auspiciën van de NVvK-begeleidingscommissie, onderling afspraken gemaakt over de te hanteren procedures bij keuringen.
De erkende keuringsinstanties hebben verklaard deze afspraken strikt na te zullen leven.

Tijdens de keuring zullen tenminste de hierna aangegeven stappen, in de aangegeven volgorde, worden doorlopen.

* Tot dat de in de loop van 1999 te publiceren definitieve versie van CPR 13-2 is verschenen, wordt de in 1998 gepubliceerde concept versie van CPR 13-2 derde druk gebruikt.


Van snelkookpan tot koelsysteem: Europese normen en de schaduw van de Europese Richtlijn Drukapparatuur

From pressure-cooker to refrigerator: European standards and the shadow of the European Pressure Equipment Directive

Ir. René J.M. van Gerwe - TNO - Apeldoorn

Inleiding
In Praag vond begin februari 1999 de vijftiende bijeenkomst plaats van de CEN commissie TC 182, die zich met Europese veiligheids- en milieunormen voor ons vakgebied bezighoudt. Deze commissie is hier al bijna 10 jaar mee bezig, wat tot nu toe heeft geleid tot een paar definitieve normen, en tal van concept-normen. Het valt niet mee om Europa op een lijn te krijgen; de traditionele benadering van veiligheids- en milieuaspecten verschilt enorm per land en bovendien bestaan er vaak conflicterende commerciële belangen tussen bedrijven, bedrijfstakken of landen. De in november 1999 in te voeren Richtlijn Drukapparatuur werpt zijn schaduw vooruit. Europese Richtlijnen vormen namelijk een wettelijk kader voor gedwongen Europese harmonisatie, en het systeem van geharmoniseerden normen onder deze Richtlijnen versterkt het belang van Europese normen aanzienlijk.
In dit artikel wordt verslag gedaan van de laatste bijeenkomst van CEN/TC 182.


Het overheidsbeleid met betrekking tot HFK’s en PFK’s in de koelsector (stationaire en mobiele toepassingen)

Dutch governmetal policy on HFC’s and PFC’s in the refrigeration sector (stationary and mobile applications)

Uitvoeringsnota Klimaatbeleid, VROM/DGM 4 maart 1999 (concepttekst)

Inleiding
Nederland zal in het kader van het Kyoto-protocol de verplichting op zich nemen de emissie van broeikasgassen te reduceren met 6% in 2008-2012 ten opzichte van 1990.
Dit geldt voor de gezamenlijke broeikasgassen CO2; CH4; N2O; HFK’s; PFK’s; SF6.

In de uitvoeringsnota zal de regering aangeven op welke wijze zij de 6%-reductieverplichting zal realiseren.
Ook de emissies van HFK’s/PFK’s die gebruikt worden voor koeling, airconditioning en verwarming zullen onderdeel zijn van deze nota, zowel de stationaire als de mobiele toepassingen.
De geprogotiseerde emissies van HFK’s en PFK’s in de koelsector in 2010 worden op grond van het business-as-usual-scenario van het RIVM geschat op 1,7 Mton CO2-equivalent per jaar.
In het Optiedocument voor emissiereductie van broeikasgassen (ECN/RIVM 1998) wordt gerapporteerd, dat in de koelsector een emissie-reductie van 1,4 Mton CO2-equivalent/per jaar in de periode 2008-2012 aan HFK’s is te behalen tegen aanvaardbare kosten. Dat komt neer op een reductie van 80% van de geprognotiseerde emissies in 2010.


“York” - Een gesprek met Nico Koudstaal over een wereldconcern en een olievrije compressor.

P.G.H. Uges - Redactie RCC Koude & Luchtbehandeling en Directeur NVvK

Inleiding
Het bericht dat Nico Koudstaal de functie van algemeen directeur van York-Benelux heeft aanvaard is binnen het vakgebied niet onopgemerkt gebleven. Het was voor de redactie van Koude & Luchtbehandeling aanleiding voor een gesprek met hem en de overige leden van het managementteam. Na een zeer korte inleiding over hem zelf ging het gesprek al gauw over York en olievrije compressoren.

York werd opgericht in 1874. Dit jaar bestaat het concern daardoor 125 jaar en is daarmee de oudste en tevens grootste “onafhankelijke” producent van apparatuur welke toegepast wordt voor luchtbehandeling, industriële koelinstallaties, maar ook sneeuwmachines (zie K&L, jaargang 92, nr. 3. maart 1999). De multinational YORK heeft een jaaromzet van ca. DFL 8 miljard, is beursgenoteerd en behoort tot de 250 grootste bedrijven in de wereld. Het concern beperkt zich volledig tot haar core-business, d.w.z. de bovengenoemde vakgebieden. Het nieuwe Amerikaanse management heeft voor een verdere expansie zeer uitdagende en vergaande strategieën ontwikkeld gericht op marktleiderschap.
Het hoofdkantoor bevindt zich inYork (vandaar de naam), in de Amerikaanse staat Pennsylvania. Wereldwijd werken 23.000 mensen bij het concern verdeeld over een groot aantal landen. In Europa zijn dat o.m. de U.K., waar standaard of serieproducten zoals lucht- of watergekoelde chillers worden vervaardigd; Frankrijk, met vooral de zeer grote chillers, industriële apparatuur, waar ook de sneeuwkanonnen vandaan komen; Italië, met vooral kleinere chillers (7 kW tot 800 kW) en ventilator convectoren; Spanje, met een 50% deelname aan Rocca te Sabadell, waar o.m. alle rooftop units (28% van de Nederlandse markt) onder Yorklabel werden vervaardigd; in Duitsland worden o.m. klimaatkamers geproduceerd. De Deense compressorfabrikant “Gramm” en ook de in de USA gevestigde fabrikant voor hermetische compressoren “Bristol”, leveren wel onder eigen naam maar behoren eveneens tot het concern.
Er wordt continu onderzoek verricht naar producten met de nadruk op een steeds lager energieverbruik en een zo laag mogelijke geluidsproductie. Voorbeelden zijn de ontwikkeling van een kleine convector (ca. 1 kW koelcapaciteit) met - op hoog toerental - een geluidsproductie van slechts 25 dBA, de ontwikkeling van een 2-traps absorptie koelmachines, voorts direct gasmotor gedreven centrifugaal koelmachines en recentelijk de olievrije centrifugaal compressor.


ASHRAE Winter Meeting 1999

Ir. J. Bouma - Hoofd IEA Heat Pump Centre ASHRAE-vertegenwoordiger Europa

Inleiding
Deregulering
In de VS is het liberaliseringsproces van de elektriciteitssector in volle gang. De vordering met de implementatie is per Staat verschillend. In Californië is men het verst. Inmiddels hebben 17 Staten deregulerings wetgeving aangenomen. De gassector in de VS is reeds gedereguleerd. Gevolgen van de liberalisering van de elektriciteitssector worden zichtbaar in de markt. Enkele voorbeelden:
- het ontstaan van brandstof-neutrale energiedienstverleners (sommige bieden ook efficiënte apparaten aan)
- kostenreductie bij bedrijven staat centraal; tarieven moeten afnemen voor alle klanten
- bedrijven gaan strategische samenwerking aan met partners en bieden nieuwe diensten aan (advisering, service/onderhoud, energie/milieu audits, ontwerp, energiemanagement, financiering/leasing. bouw/beheer/eigendom contractering etc.)
- (klein) verbruikersgroepen organiseren zich; er blijven echter veel vragen open: welk risico is nog acceptabel, zelf kracht opwekken, uitbesteden van bedrijf/onderhoud, leasen of kopen, hoe om te gaan met milieu eisen, welke elektriciteitsleverancier? etc.
- “real time pricing”, de prijs van elektriciteit wordt gedurende een etmaal ieder uur vastgesteld (de prijs wordt vooral bepaald door de actuele productiekosten); in de VS kan de prijs hierdoor een factor 25 uiteenlopen tijdens een etmaal (prijzen variërend van $ 3,5 per kWh tijdens piekvraag tot gratis tijdens daluren zijn bijvoorbeeld denkbaar in Californië).

Het staat vast dat zowel voor energiebedrijven als afnemers een geheel nieuwe energiewereld aan het ontstaan is waarin afnemers hun leveranciers kunnen kiezen, maar ook de leveranciers de afnemers althans in de VS.


Van de redactie

De som en de delen

Een gevierde kreet op de sobere zwart-wit posters van “Loesje”, welke jaar en dag het grauwe straatbeeld kleur en fleur brengen rept over het feit dat wanneer het eind van het salaris in zicht komt, zij nog zoveel maand over heeft.
Hoofdredacteuren van maandbladen hebben wel eens soortgelijke verzuchtingen. Het aprilnummer heeft als thema: “Producteisen” naar aanleiding van de NVvK-Themadag d.d. 28 januari bij in het RIVM-gebouw te Bilthoven. Onze auteurs hebben zich met zulk een enthousiasme op deze taak geworpen, dat het blad eerder vol was dan de maand ten einde. In het meinummer leest u waarom nog een aantal artikelen over dit belangrijke onderwerp.

Het aardige van een maandblad is dat je er vier - en een keer per kwartaal vijf - weken de tijd voor hebt om het blad tot stand te brengen. Het nadeel van een maandblad is dat een gemist bericht vier - en een keer per kwartaal vijf - weken op zijn beurt moet wachten en dan vaak de actualiteit heeft van de achterkant van een gebruikt spoorkaartje. Deze pagina is de laatste van elk nummer dat tot stand komt, omdat je het altijd zult meemaken dat wanneer het blad ter perse is zich het een en ander aandient, waard om besproken te worden, maar dan wel nu.

Zo kon het gebeuren dat alle pagina’s van dit nummer zich in een onherroepelijk technische stadium bevonden toen er op het redactioneel bureau het bericht lag (d.d. 27 maart 1999) met als titel: “York International Corporation verwerft Sabroe A/S.”.
Nu zal dat over een maand nog wel waar zijn, maar toch.
Juist in dit nummer staat een interview met de heer N. Koudstaal, die onlangs algemeen directeur werd van York Benelux. Een artikel met behartigenswaardige uitspraken maar er wordt uiteraard nog met geen woord gerept over de mega-overname van Sabroe c.s. door York International.
Daarom leest u op deze ongebruikelijke plek een bericht dat eigenlijk een plaats in de Martktsensor verdient.

York International Corporation, een der grootste leveranciers van verwarmings-, ventilatie-, airconditioning- en koeltechnische apparatuur heeft aangekondigd dat het een definitieve overeenkomst heeft gesloten waardoor het Sabroe A/S. van EQT Scandinavia and J. Luuritzen Holding Co heeft verworven tegen bedrag van $ 590 miljoen contact en “assumed debt”. Sabroe is een van ‘s werelds grootste leveranciers van koeltechnische systemen en produceert in Europa, Latijns-Amerika en Azië.
Het samenvoegen schept, volgens het persbericht, ‘s wereld grootste industriële koeltechnische industrie.
[-] Op grond van de resultaten in 1998 van beide ondernemingen verwacht men een pro forma totale winst voor de Refrigeration Products Group of York International van ongeveer $ 1.2 miljard.

Het persbericht laat vervolgens diverse topmanagers van beide partijen aan het woord die, trouw aan de traditie, betuigen dat ook bij deze transactie het gezegde opgeld doet dat de som meer is dan de samenstellende delen.
In het meinummer gaan we verder in op deze opmerkelijke ontwikkeling, die ook in ons land wijzigingen aanbrengt op de koeltechnische landkaart.

Harja Blok - Hoofdredacteur RCC Koude & Luchtbehandeling

 

 
     
     
 
     
 

KNVvK
bezoekersadres:
Zandlaan 29
6717 LN  Ede
tel.: +31(0318) 697 198
fax: +31(0318) 697 199

correspondentie:
postbus 32
6710 BA  Ede
e-mail:  info@knvvk.nl

Lid worden?
klik hier